1. Het is verboden in of bij openbaar water te baggeren, te dreggen of te steken in de waterbodem, alsmede te vissen naar voorwerpen en/of stoffen met behulp van magneten of enige techniek met een vergelijkbare werking.

  2. Het college kan ontheffing verlenen van het in lid 1 genoemde verbod.

  3. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

  4. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Waterstaatswet, het Binnenvaartpolitiereglement, de Provinciale vaarwegverordening.