1. Het is verboden zonder redelijk doel:

    1. zich in een portiek, poort, nis, abri of parkeergarage, op een bordes of onder een luifel of overkapping op te houden;

    2. op of tegen een raamkozijn of een drempel van een gebouw te zitten of te liggen;

    3. zich zonder redelijk doel op een schoolplein of speeltuin op te houden;

    4. zich zonder redelijk doel op andere door het college aangewezen openbare plaatsen op te houden.

  2. Het is aan anderen dan bewoners of gebruikers van flatgebouwen, appartementsgebouwen en soortgelijke meergezinshuizen en van gebouwen die voor publiek toegankelijk zijn, verboden zich zonder redelijk doel te bevinden in een voor gemeenschappelijk gebruik bestemde ruimte van zo’n gebouw.