1. Een vergunning vervalt van rechtswege, indien:

    1. de vergunning, strekkende tot vervanging van eerstbedoelde vergunning, van kracht is geworden;

    2. degene aan wie een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 2:28 is verleend, de hoedanigheid van exploitant heeft verloren;

    3. gedurende zes maanden, anders dan wegens overmacht, geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning.

  2. Binnen een week na de feitelijke beëindiging van de exploitatie geeft de exploitant daarvan schriftelijk kennis aan het bevoegd bestuursorgaan.