Openbare inrichtingen zijn gesloten op maandag tot en met vrijdag tussen 01.30 uur en 08.00 uur, en op zaterdag en zondag tussen 03.30 uur en 08.00 uur.
Het is verboden een openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben, of bezoekers in de inrichting te laten verblijven na sluitingstijd.
In afwijking van het eerste lid geldt voor de volgende openbare inrichtingen het verbod deze voor bezoekers geopend te hebben en aldaar bezoekers toe te laten of te laten verblijven op maandag tot en met zondag tussen 01.30 uur en 08.00 uur:
paracommerciële rechtspersonen;
een openbare inrichting uitsluitend, in hoofdzaak of gedeeltelijk in gebruik bij sportorganisaties of -instellingen dan wel deel uitmaakt van een gebouw waar deze activiteiten plaatsvinden;
een openbare inrichting uitsluitend, in hoofdzaak of gedeeltelijk in gebruik bij één of meerdere jeugdorganisaties of -instellingen dan wel deel uitmaakt van een gebouw waar deze activiteiten plaatsvinden;
een openbare inrichting uitsluitend, in hoofdzaak of gedeeltelijk in gebruik bij levensbeschouwelijke organisaties of instellingen dan wel deel uitmaakt van een gebouw waar deze activiteiten plaatsvinden;
De burgemeester kan ontheffing verlenen van de sluitingstijd.
De burgemeester kan door middel van een vergunningvoorschrift andere sluitingstijden vaststellen voor een afzonderlijke openbare inrichting of een daartoe behorend terras.
Voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28, tweede lid gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel.
Het eerste, derde en het vierde lid zijn niet van toepassing op situaties waarin bij of krachtens de Wet milieubeheer is voorzien.
In de openbare inrichting zoals omschreven in het eerste en derde lid:
mogen geen nieuwe bezoekers worden toegelaten binnen één uur voorafgaande aan het voor de openbare inrichting geldende sluitingstijdstip;
wordt een half uur voorafgaande aan het voor de openbare inrichting geldende sluitingstijdstip een zogenaamde cool-down periode ingesteld waarbij achtereenvolgens geen consumpties meer worden verstrekt, het geluidsniveau van de muziek geleidelijk wordt verlaagd en de lichtsterkte geleidelijk wordt opgevoerd.
Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Inhoud
Hoofdstuk Definities
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
- Artikel 2:1
- Artikel 2:2
- Artikel 2:3
- Artikel 2:4
- Artikel 2:9
- Artikel 2:10
- Artikel 2:10a
- Artikel 2:11
- Artikel 2:12
- Artikel 2:13
- Artikel 2:15
- Artikel 2:24
- Artikel 2:25
- Artikel 2:25a
- Artikel 2:26
- Artikel 2:27
- Artikel 2:28
- Artikel 2:28a
- Artikel 2:28b
- Artikel 2:28c
- Artikel 2:28d
- Artikel 2:29
- Artikel 2.30
- Artikel 2:30a
- Artikel 2:31
- Artikel 2:32
- Artikel 2:33
- Artikel 2:34
- Artikel 2:35
- Artikel 2:36
- Artikel 2:37
- Artikel 2:38
- Artikel 2:38a
- Artikel 2:39
- Artikel 2:40
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:44a
- Artikel 2:47
- Artikel 2:48
- Artikel 2:49
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:50b
- Artikel 2:50c
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:59a
- Artikel 2:59b
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:66
- Artikel 2:67
- Artikel 2:68
- Artikel 2:69
- Artikel 2:71
- Artikel 2:72
- Artikel 2:73
- Artikel 2:73a
- Artikel 2:74
- Artikel 2:74a
- Artikel 2:75
- Artikel 2:76
- Artikel 2:77
- Artikel 2:78
- Artikel 2:79
- Artikel 2:80
- Artikel 2:81
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente Afdeling 1. Parkeerexcessen en stopverbod
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen
Artikel 2:29
Actueel
Sluitingstijd
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.