1. Indien in strijd met artikel 4:11, tweede lid houtopstand zonder vergunning geveld is, kan het college aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop zich de houtopstand bevond dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te herbeplanten overeenkomstig de door het college te geven aanwijzingen en binnen een door het college te stellen termijn.

  2. Indien houtopstand die voorkomt op de bomenkaart ernstig in het voortbestaan wordt bedreigd, kan het college aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop zich de houtopstand bevindt dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om overeenkomstig de door het college te geven aanwijzingen en binnen een door het college te stellen termijn, voorzieningen te treffen waardoor die bedreiging wordt weggenomen.