1. Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester.

  2. Voor het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in het eerste lid dient zowel de exploitant als de leidinggevende:

    1. minimaal de leeftijd van 18 jaar te hebben bereikt;

    2. niet onder curatele te staan.

  3. De burgemeester weigert de vergunning als de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met het omgevingsplan.

  4. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren,

    1. als naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed en/of

    2. de exploitant en/of leidinggevende in enig opzicht van slecht levensgedrag is.

  5. Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in:

    1. een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit;

    2. een zorginstelling;

    3. een museum;

    4. een bedrijfskantine of –restaurant of

    5. een bed & breakfast.

  6. Het is verboden de openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben, zonder dat de op de vergunning vermelde leidinggevende in de openbare inrichting aanwezig is of een persoon wiens bijschrijving op grond van lid 7 is gevraagd, mits de ontvangst van die aanvraag is bevestigd, zolang nog niet op die aanvraag is beslist.

    1. Een vergunninghouder meldt aan de burgemeester zijn wens een lokaliteit bij te laten schrijven of te wijzigen of een persoon als leidinggevende bij te laten schrijven.

    2. De melding geldt als aanvraag tot wijziging van de exploitatievergunning.

  7. De burgemeester verstrekt ambtshalve een gewijzigde exploitatievergunning indien de openbare inrichting ook beschikt over een geldige Alcoholwetvergunning waarop ingevolge artikel 30 Alcoholwet een lokaliteit wordt bijgeschreven of ingevolge 30a Alcoholwet één of meer leidinggevende(n) is/zijn bijgeschreven. Het zevende lid van dit artikel vindt alsdan geen toepassing.

  8. Op de aanvraag om een vergunning als bedoeld in het eerste, zevende en achtste lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.