1. Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag.

  2. In afwijking van het eerste lid beslist het bevoegde bestuursorgaan op de aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 2:25, eerste lid, binnen twaalf weken na de datum van ontvangst van de aanvraag.

  3. Het bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste acht weken verdagen.

  4. Dit artikel is niet van toepassing op een aanvraag om een omgevingsvergunning.