1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

    1. bioscoopvoorstellingen;

    2. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet;

    3. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

    4. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen;

    5. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

    6. kleinschalige herdenkingsplechtigheden;

    7. trouwplechtigheden.

  2. Onder een evenement, waarop het verbod van artikel 2:25, eerste lid ziet, wordt verstaan:

    1. categorie A: een regulier evenement met een laag risicogehalte en een redelijke omvang, gelet op het aantal te verwachten bezoekers en de opzet van het evenement;

    2. categorie B: een middelgroot evenement met een meer dan gemiddeld risicogehalte en redelijke omvang, waarbij het risico mede bepaald wordt door het type bezoeker (doelgroep) en de te houden activiteiten;

    3. categorie C: een groot evenement met een groot risicogehalte en een grote omvang, gelet op het aantal bezoekers en de opzet van het evenement.

  3. Onder evenement wordt mede verstaan:

    1. een braderie;

    2. een optocht op de weg enkel wanneer men zich daarbij niet aan de verkeersregels houdt, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3 van deze verordening;

    3. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;

    4. een straatfeest of buurtbarbecue op één dag (klein evenement).