1. verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke;

  2. sfeervuren zoals terrashaarden, vuurkorven en vuren ten behoeve van hottubs; en/of

  3. vuur voor koken, bakken en braden, mits, geen afvalstoffen worden verbrand en er geen sprake is van gevaar, hinder en/of overlast voor de omgeving.

  1. Ter bescherming van de veiligheid is het verboden om zonder omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 6.7 Vfl in de openlucht afvalstoffen te verbranden, buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben.

  2. Het verbod, als bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op:

  3. Het verbod, als bedoeld in het eerste lid is (ook) niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1º en 3º, van het Wetboek van Strafrecht of de vigerende omgevingsverordening van de provincie Noord-Holland.