Algemene Plaatselijke Verordening Maashorst BETA Foutje gevonden?

Inhoud

Afdeling

Markt

Artikel 5:38

Definities

In deze afdeling wordt verstaan onder;

  • dagplaats: de standplaats die per marktdag beschikbaar wordt gesteld, indien een vaste standplaats niet wordt ingenomen, dan wel niet als vaste standplaats is toegekend;

  • markt: een door het college ingestelde warenmarkt;

  • marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college;

  • standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;

  • standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek om zich heen verzamelt en dat publiek door een aansprekende uiteenzetting probeert over te halen tot de aankoop van een artikel;

  • standwerkersplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld om te standwerken;

  • vaste standplaats: de standplaats die voor bepaalde tijd ter beschikking is gesteld aan een vergunninghouder;

  • vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats;

Artikel 5:39

Plaats, dag en tijd van de markt

  1. Deze afdeling is van toepassing op de door het college ingevolge artikel 160 eerste lid, aanhef onder g, van de Gemeentewet ingestelde marktdagen.

  2. Het college wijst een locatie aan voor het houden van de markt.

  3. Het college kan besluiten een markt op een andere locatie te houden.

  4. Een verplaatsing van de markt ingevolge het derde lid, kan niet vaker voorkomen dan zeven keren per kalenderjaar.

  5. Indien de markt wordt verplaatst ten gevolge van overmacht, is dit niet aan te merken als een verplaatsing ingevolge het vierde lid.

Artikel 5:40

Inrichting van de markt; branche-indeling

  1. Het college bepaalt ten aanzien van de markt:

    1. het aantal standplaatsen;

    2. de afmetingen van de standplaatsen;

    3. de opstelling en indeling van de markt;

    4. welke standplaatsen worden toegewezen als vaste standplaats en als standwerkersplaats.

  2. Het college kan voor de markt vaststellen:

    1. een lijst met artikelengroepen of branches;

    2. een maximumaantal standplaatsen per branche;

    3. regels omtrent gebruik van eigen materialen.

Artikel 5:41

Nadere regels

Het college is bevoegd nadere regels te stellen betreffende het bepaalde in deze afdeling.

Artikel 5:42

Voorschriften en beperkingen

Bepalingen over vergunningen

  1. Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een krachtens deze afdeling verleende vergunning of ontheffing, ter bescherming van de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist.

  2. Degene aan wie krachtens deze afdeling een vergunning is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen in acht te nemen.

Artikel 5:43

Standplaatsvergunning

  1. Het is verboden een standplaats op een markt in te nemen zonder vergunning van het college.

  2. Het college kan vergunningen voor vaste standplaatsen, dagplaatsen en standwerkersplaatsen verlenen.

  3. Het college kan aan een vergunning, als bedoeld in eerste lid, voorwaarden verbinden.

  4. Het college kan, indien dringende redenen hiertoe noodzaak geven, tijdelijk een andere standplaats toewijzen.

Artikel 5:44

Vereisten

Voor toewijzing van een standplaats komt uitsluitend in aanmerking een handelingsbekwaam natuurlijk persoon die een aanvraag voor een vergunning heeft ingediend bij het college en daarbij tevens aantoont dat hij persoonlijk voldoet aan alle publiekrechtelijke verplichtingen op het gebied van bedrijfsuitoefening en bedrijfsorganisatie.

Artikel 5:45

Intrekking vaste standplaatsvergunning

Sanctiebepalingen

  1. Het college trekt een vaste standplaatsvergunning in:

    1. op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder;

    2. bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij de vergunning op grond van het op dat moment geldend Marktreglement wordt overgeschreven.

  2. Het college kan een vaste standplaatsvergunning al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel telkens voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen schorsen:

    1. indien de vergunninghouder ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt;

    2. indien de vergunninghouder niet meer voldoen aan de in zijn vergunning genoemde vereisten;

    3. indien de vergunninghouder wegens ziekte gedurende één jaar zijn standplaats niet heeft kunnen innemen;

    4. indien de vergunninghouder, anders dan wegens ziekte, minder dan tien maal per kwartaal zijn standplaats heeft ingenomen.

  3. Indien degene op wie een vergunning is overgeschreven als bedoeld in het eerste lid onder b, reeds vergunning heeft voor een andere vaste standplaats op dezelfde markt, wordt laatstgenoemde vergunning ingetrokken.

Artikel 5:46

Intrekking en schorsing vaste standplaatsvergunning

Onverminderd het bepaalde in artikel 5:45 kan het college een vergunning voor een vaste standplaats, al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel telkens voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen schorsen, indien de vergunninghouder of een persoon die hem bijstaat:

  1. het bepaalde bij of krachtens deze afdeling of de voorschriften van de vergunning overtreedt;

  2. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog.

Artikel 4:3:2

Uitsluiting dagplaatshouder of standwerker

Het college kan een vergunninghouder van een dagplaats of een standwerkersplaats van de toewijzing van een dagplaats of een standwerkersplaats uitsluiten voor ten hoogste vier marktdagen, indien deze:

  1. het bepaalde bij of krachtens deze afdeling overtreedt;

  2. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;

  3. niet als standwerker actief is op een hem toegewezen standwerkersplaats.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening Maashorst