In deze afdeling wordt onder standplaats verstaan het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel.
In deze afdeling wordt onder vaste standplaats verstaan een door de gemeente aangewezen locatie die gedurende het gehele jaar voor maximaal twee dagen per week mag worden ingenomen door dezelfde vergunninghouder.
In deze afdeling wordt onder tijdelijke standplaats verstaan een door de gemeente aangewezen standplaatslocatie die slechts gedurende een bepaalde periode per jaar voor een maximum van drie maanden wordt ingenomen voor de verkoop van bijvoorbeeld seizoensgebonden waren en goederen.
In deze afdeling wordt onder incidentele standplaats verstaan een standplaats op een locatie die in de gemeente kan worden ingenomen voor maximaal zes dagen per kalenderjaar door dezelfde vergunninghouder.
Onder standplaats wordt niet verstaan:
een vaste plaats op een jaarmarkt of markt als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet;
een vaste plaats op een evenement als bedoeld in artikel 2:24 van deze verordening.
Algemene plaatselijke verordening 2022 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 16-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:44a
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:47a
- Artikel 2:48
- Artikel 2:49
- Artikel 2:49a
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Afdeling Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen
Afdeling Consumentenvuurwerk
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden avn de burgemeester
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen
Afdeling
Artikel 5:18
Standplaatsvergunning en weigeringsgronden
Het is verboden zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te hebben.
Hendrik-Ido-Ambacht kent de volgende soorten standplaatsen:
vaste standplaats;
tijdelijke standplaats;
incidentele standplaats.
Het college wijst locaties aan voor het innemen van een vaste- of tijdelijke standplaats.
Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
De vergunning is niet overdraagbaar, de standplaats moet persoonlijk door de vergunninghouder ingenomen worden.
De vergunning voor een vaste standplaats wordt verleend voor vijftien jaar.
De vergunning voor een vaste standplaats wordt verstrekt voor maximaal twee dagen per week.
De vergunning voor een tijdelijke standplaats wordt verstrekt voor maximaal drie aaneengesloten maanden.
Per persoon wordt niet meer dan één tijdelijke standplaats verleend.
De vergunning voor incidentele standplaatsen wordt verstrekt voor maximaal zes dagen per kalenderjaar door dezelfde vergunninghouder.
Lid 10 van dit artikel is niet van toepassing voor het innemen van een standplaats voor gezondheidsonderzoek en wetenschap.
Artikel 5:18a
Nadere regels standplaatsvergunning
In aanvulling op het bepaalde in artikel 1:4 kan het college nadere regels stellen ter zake van de vergunning zoals bedoeld in artikel 5:18 eerste lid en over het gebruik van de standplaats.
Artikel 5:18b
Weigeringsgronden
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd als:
de standplaats, hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan de redelijke eisen van welstand; of
een kwantitatieve of territoriale beperking als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente noodzakelijk is in verband met een dwingende reden van algemeen belang.
het college kan de vergunning weigeren wegens strijd met een geldend omgevingsplan.
Artikel 5:18c
Overgangsrecht
Besluiten op grond van eerdere versies van deze verordening op het gebied van standplaatsen blijven na inwerkingtreding van deze verordening gelden, totdat het college deze ambtshalve heeft gewijzigd of ingetrokken.
In afwijking van lid 1 worden alle verstrekte vergunningen ingetrokken of gewijzigd die:
verleend zijn voor onbepaalde tijd;
verleend zijn voor een duur langer of korter dan de vergunningstermijn zoals bepaald in artikel 5:18a, tweede lid.
De vergunningen die door het college ingetrokken of gewijzigd zijn conform lid 2 van dit artikel worden vervangen of gewijzigd met een nieuwe vergunning met de duur van vijftien jaar, conform artikel 5:18a tweede lid, met een overgangstermijn van vijf jaar.
[De verwijzing naar artikel 5:18a tweede lid bevat een kennelijke verschrijving, hier wordt bedoeld: artikel 5:18 zesde lid.]
Artikel 5:19
Toestemming rechthebbende
Het is de rechthebbende op een perceel verboden toe te staan dat daarop zonder vergunning van het college standplaats wordt of is ingenomen.
Artikel 5:20
Afbakeningsbepalingen
Artikel 5:18, eerste lid, is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet of de provinciale omgevingsverordening.
De weigeringsgrond van artikel 5:18, derde lid, onder a, is niet van toepassing op bouwwerken.