1. Het is verboden in het openbaar:

    1. iemand uit te jouwen, toe of na te schreeuwen, met aanstootgevende taal, gebaren, geluiden of gedragingen lastig te vallen, dan wel op een andere wijze overlast aan te doen;

    2. te vechten.

  2. Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de artikelen 18, 19, 137c, 137d, 137e, 147, 424 of 426bis van het Wetboek van Strafrecht.