1. Paracommerciële rechtspersonen verstrekken uitsluitend alcoholhoudende drank tijdens en tot uiterlijk één uur na de georganiseerde activiteiten die uitsluitend verband houden met de statutaire doelstellingen van de instelling tot maximaal 24.00 uur.

  2. Het is paracommerciële rechtspersonen niet toegestaan om bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de desbetreffende rechtspersoon betrokken zijn te houden.

  3. In afwijking van lid 2 mag een paracommerciële rechtspersoon die staat genoemd in het aanwijzingsbesluit behorende bij deze verordening, met inachtneming van hetgeen in dit aanwijzingsbesluit is bepaald, alcoholhoudende drank verstrekken tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de desbetreffende rechtspersoon betrokken zijn. Wanneer er een situatie ontstaat waardoor een paracommerciële rechtspersoon een nieuwe vergunning op grond van de Alcoholwet moet aanvragen dan vervallen de aanspraken uit het aanwijzingsbesluit.

  4. Op grond van artikel 4 lid 4 van de Alcoholwet kan de burgemeester ontheffing verlenen van de schenktijden, de bijeenkomsten van persoonlijk aard en de bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de rechtspersoon betrokken zijn, als:

    1. minimaal 4 weken voor de activiteit waarvoor ontheffing wordt aangevraagd er een complete aanvraag om ontheffing is ingediend;

    2. het maximum van 4 ontheffingen per jaar per paracommerciële instelling niet wordt overschreden;

    3. de eindtijd van de ontheffing van de schenktijd zal niet later zijn dan sluitingstijd;

    4. ontheffing van de schenktijd niet wordt verleend voor een jongerenactiviteit.