1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren.

  2. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor eendaagse evenementen, indien;

    1. er minder dan 200 bezoekers dan wel deelnemers worden verwacht;

    2. er geen afzetting van de openbare weg nodig is en/of er geen omleiding moet worden geplaatst;

    3. er geen gebruik wordt gemaakt van een gebruiksvergunningsplichtig tijdelijk bouwwerk zoals een tent of overkapping;

    4. er geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 07:00 uur of na 23:00 uur.

  3. De burgemeester stelt nadere algemene voorschriften ten behoeve van evenementen die overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid zijn vrijgesteld van een evenementenvergunning als bedoeld in het eerste lid.

  4. Het verbod van het eerste lid geldt niet voor een wedstrijd op of aan de weg, voor zover in het geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994.

  5. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:2, eerste lid kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een vergunning voor een B of C evenement of een evenement zoals genoemd in de evenementenkalender niet te behandelen, indien deze aanvraag wordt ingediend minder dan twaalf weken voor het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning nodig heeft.

  6. Het tweede lid is niet van toepassing op een krachtens artikel 2:24, derde lid, onder e, aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of -gala’s.

  7. De burgemeester kan voorts besluiten aanvragen niet te behandelen, indien B en C evenementen en collectieve festiviteiten als bedoeld in artikel 4:2 niet tijdig zijn aangemeld ten behoeve van de evenementenkalender. Het college bepaalt in het jaar voorafgaand aan het nieuwe evenementenkalenderjaar voor welke datum de aanmeldingen dienen te zijn ingediend bij het college.