1. Besluiten, genomen krachtens de verordening bedoeld in artikel 6:4 die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. Het verbod zoals opgenomen in artikel 2:28 exploitatie openbare inrichting geldt niet voor een openbare inrichting die voor 01-01-2011 reeds gevestigd was binnen de gemeente, zolang deze nog wordt geëxploiteerd door dezelfde exploitant.

  2. De intrekking van de verordening bedoeld in artikel 6:4 heeft geen gevolgen voor de geldigheid van de op basis van die verordening en eerder vastgestelde nadere regels en aanwijzingsbesluiten, indien en voor zover de rechtsgrond waarop de nadere regels of aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken.

  3. Het verbod zoals opgenomen in artikel 2:31c geldt niet voor een openbare inrichting die voor 01-12-2020 reeds gevestigd was binnen de gemeente, zolang deze nog wordt geëxploiteerd door dezelfde exploitant.

  4. Openbare inrichtingen die op 01-12-2020 in het bezit zijn van een geldige drank- en horecavergunning hebben vrijstelling conform het gestelde in artikel 2:28, lid 5a.