1. Het is verboden op het strand rij- of trekdieren, bestemd tot verhuring, voor vervoer van personen beschikbaar te stellen of te laten staan.

  2. Het is verboden op of aan het strand vaar- en/of voertuigen bestemd tot verhuring, voor vervoer van personen beschikbaar te stellen of te laten staat of liggen.

  3. Het is aan personen, die daarvan hun beroep maken, verboden op of aan het strand hun diensten aan te bieden tot vervoer van personen met vaar- en/of voertuigen; personen in en uit die vaar- of voertuigen te dragen of deze tot het bereiken daarvan behulpzaam te zijn.

  4. Het college kan ontheffing verlenen van het in het derde lid gestelde verbod.

  5. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.