1. Openbare inrichtingen op het strand zijn gedurende de periode 15 maart tot 1 november gesloten op maandag tot en met zondag tussen 01.00 uur en 06.00 uur (sluitingstijd) en gedurende de periode 1 november tot 15 maart op maandag tot en met zondag tussen 23.00 uur en 08.00 uur (sluitingstijd).

  2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid zijn openbare inrichtingen op het strand in de periode van 15 maart tot 1 november in de nacht van vrijdag op zaterdag en van zaterdag op zondag gesloten tussen 1.30 uur en 06.00 uur, mits het geleidelijke sluitingsuur wordt gehanteerd.

  3. Alle ondersteunende horeca is uitsluitend geopend gedurende de openingstijden van de hoofdactiviteit van het bedrijf waarbinnen de horeca is gevestigd.

  4. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid zijn openbare inrichtingen gesloten tussen 03.00 uur en 06.00 uur, mits het geleidelijke sluitingsuur wordt gehanteerd, tijdens de hierna genoemde maatschappelijke feesten:

    1. het jaarlijkse carnaval;

    2. de nacht voordat Koningsdag wordt gevierd;

    3. de dag waarop Koningsdag wordt gevierd;

    4. de dag waarop Bevrijdingsdag wordt gevierd.

  5. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid zijn openbare inrichtingen gesloten tussen 05.00 uur en 06.00 uur in de nacht van 31 december op 1 januari, mits het geleidelijke sluitingsuur wordt gehanteerd.

  6. In afwijking van het bepaalde in de voorgaande leden zijn terrassen gesloten:

    1. tussen 00.00 uur en 08.00 uur; of

    2. indien de bijbehorende openbare inrichting gesloten is.

  7. De burgemeester kan ontheffing of vrijstelling verlenen van de in dit artikel genoemde sluitingstijden. De burgemeester kan aan de ontheffing of vrijstelling voorschriften en/of beperkingen verbinden.

  8. De burgemeester kan nadere regels vaststellen over het aanwezig hebben van een horecaportier.

  9. Het bepaalde in het vierde is ook van toepassing op de daartoe door de burgemeester aan te wijzen feesten en de daarbij genoemde openbare inrichtingen en/of gebieden.

  10. Het eerste tot en met het negende lid is niet van toepassing op situaties waarin bij of krachtens de Omgevingswet is voorzien.

  11. Op de aanvraag om een vrijstelling of ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.