Algemene plaatselijke verordening Blaricum 2025 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
Afdeling Bestrijding van heling van goederen
Afdeling Consumentenvuurwerk
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen

Afdeling

Vuurverbod

Artikel 5.34

Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken

  1. Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen in de zin van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben.

  2. Mits er geen sprake is van gevaar, overlast of hinder voor de omgeving, is het verbod niet van toepassing op:

    1. verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke;

    2. sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven, indien geen afvalstoffen worden verbrand;

    3. vuur voor koken, bakken en braden.

  3. Het college kan van dit verbod ontheffing verlenen.

  4. Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 kan de ontheffing worden geweigerd ter bescherming van de flora en fauna.

  5. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1 of 3, van het Wetboek van Strafrecht of de provinciale omgevingsverordening.

    1. De in het tweede lid onder c gestelde uitzondering geldt niet voor het Voorland Stichtse Brug, tenzij gebruik wordt gemaakt van de door de gemeente geplaatste vaste barbecues.

      Het is op dit voorland tussen 1 april en 1 oktober verboden ander vuur voor koken, bakken en braden (barbecueën) aan te leggen, te stoken of te hebben, dan in deze vaste barbecues.

      Voor het aanleggen, stoken of hebben van een vuur voor koken, bakken en braden (barbecueën) tussen 1 oktober en 1 april op het Voorland Stichtse Brug anders dan in de door de gemeente geplaatste vaste barbecues dient een ontheffing te worden aangevraagd bij het college.

    2. Het college kan regels stellen voor het gebruik van de door de gemeente geplaatste vaste barbecues.

Artikel 5.34A

Verbod op het gebruik van wensballonnen

  1. Onder een wensballon wordt verstaan een lampion die door zijn bouwwijze en de verhitting door een brandstofelement kan opstijgen en zweven en na het oplaten zonder sturing wegdrijft.

  2. Het is verboden een wensballon op te laten.

Artikel 5.35

Brandgevaarlijke houtopstanden

Het is verboden houtopstanden te creëren van een dermate omvang dat deze opstanden naar het oordeel van de commandant van de brandweer bij een brand op enigerwijze tot gevolg hebben of kunnen hebben dat vuur via deze opstanden kan overslaan naar naburige percelen. De in dit kader door of vanwege de commandant van de brandweer gegeven bevelen inzake het verminderen c.q. verlagen van de houtopstand dienen stipt en onmiddellijk binnen een daartoe gestelde termijn te worden opgevolgd.

Deze bevelen worden schriftelijk gegeven, tenzij dit spoedheidshalve om veiligheidsredenen niet mogelijk is.

Artikel 5.37

Verbod carbid te schieten

  1. Het is verboden acetyleengas afkomstig van een reactie tussen calciumacetylide (carbid) en water, of een gasmengsels met vergelijkbare eigenschappen op explosieve wijze te verbranden (carbid te schieten).

  2. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Omgevingswet, de Wet wapens en munitie of het Wetboek van Strafrecht.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening Blaricum 2025