Algemene plaatselijke verordening 2015. BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
HOOFDSTUK ALGEMENE BEPALINGEN
Hoofdstuk In deze verordening wordt verstaan onder:
HOOFDSTUK OPENBARE ORDE
Paragraaf Afdeling 2.1 Bestrijding van ongeregeldheden
Paragraaf Afdeling 2.2 Betoging
Paragraaf Afdeling 2.4 Vertoningen e.d. op de weg
Paragraaf Afdeling 2.5 Bruikbaarheid en aanzien van de weg
Paragraaf Afdeling 2.6 Veiligheid op de weg
Paragraaf Afdeling 2.7 Evenementen
Paragraaf Afdeling 2.8 Toezicht op openbare inrichtingen
Paragraaf Afdeling 2.9 Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Paragraaf Afdeling 2.10. Toezicht op speelgelegenheden
Paragraaf Afdeling 2.11 Maatregelen tegen overlast en baldadigheid
Paragraaf Afdeling 2.12 Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen.
Paragraaf Afdeling 2.13 Vuurwerk en carbid
Paragraaf Afdeling 2.14 Drugsoverlast
Paragraaf Afdeling 2.15 Bestuurlijke ophouding, veiligheidsrisicogebieden en cameratoezicht op openbare plaatsen
HOOFDSTUK SEKSINRICHTINGEN, SEKSWINKELS, STRAATPROSTITUTIE E.D.
Paragraaf Afdeling 3.1.Definities
Paragraaf Afdeling 3.2 Seksinrichtingen, straatprostitutie, sekswinkels en dergelijke
Paragraaf Afdeling 3.3 Beslistermijn, weigeringsgronden
Paragraaf Afdeling 3.4 Beëindiging exploitatie; wijziging beheer
HOOFDSTUK BESCHERMING VAN HET MILIEU EN HET NATUURSCHOON EN ZORG VOOR HET UITERLIJK AANZIEN VAN DE GEMEENTE
Paragraaf Afdeling 4.1 Geluidhinder
Paragraaf Afdeling 4.2 Bodem-, weg- en milieuverontreiniging
Paragraaf Afdeling 4.3 Het bewaren van houtopstanden
Paragraaf Afdeling 4.4 Maatregelen tegen ontsiering en stankoverlast
Paragraaf Afdeling 4.4A Bescherming groenvoorzieningen
Paragraaf Afdeling 4.5 Kamperen buiten kampeerterreinen
HOOFDSTUK ANDERE ONDERWERPEN BETREFFENDE DE HUISHOUDING DER GEMEENTE
HOOFDSTUK STRAF-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

Paragraaf

Afdeling 5.7 Voorschriften voor natuurgebieden/crossterreinen en gemotoriseerd en ruiterverkeer in natuurgebieden

Artikel 5:32

Crossterreinen

  1. Het is verboden op enig terrein, geen weg zijnde, met een motorvoertuig of een bromfiets een wedstrijd dan wel, ter voorbereiding van een wedstrijd, een trainings- of proefrit te houden of te doen houden dan wel daaraan deel te nemen, dan wel een motorvoertuig of een bromfiets met het kennelijke doel daartoe aanwezig te hebben.

  2. Het verbod is niet van toepassing op door het college aangewezen terreinen. Het college kan daarbij nadere regels stellen voor het gebruik van deze terreinen in het belang van:

    1. het voorkomen of beperken van overlast;

    2. de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving en ter bescherming van andere milieuwaarden;

    3. de veiligheid van de deelnemers van de in het eerste lid bedoelde wedstrijden en ritten of van het publiek.

  3. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Omgevingswet, afdeling 3.9 van het Besluit activiteiten leefomgeving, de Zondagswet of het Besluit geluidproductie sportmotoren.

Artikel 5:33

Beperking verkeer in natuurgebieden

  1. Het is verboden binnen voor publiek toegankelijke natuurgebieden, parken, plantsoenen of voor recreatief gebruik beschikbare terreinen te rijden of zich te bevinden met een motorvoertuig, een bromfiets, een fiets of een paard.

  2. Het verbod is niet van toepassing op door het college aangewezen terreinen. Het college kan daarbij nadere regels stellen voor het gebruik van deze terreinen in verband met:

    1. het voorkomen van overlast;

    2. de bescherming van natuur- of milieuwaarden;

    3. de veiligheid van het publiek.

  3. Het verbod is niet van toepassing op motorvoertuigen, bromfietsen, fietsen en paarden:

  4. ten dienste van politie, brandweer en geneeskundige hulpverlening en van andere krachtens artikel 29, eerste lid van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 door de bevoegde minister aangewezen hulpverleningsdiensten;

  5. die worden gebruikt in verband met beheer, onderhoud of exploitatie van de terreinen als in het eerste lid bedoeld;

  6. die worden gebruikt in verband met werken die krachtens wettelijk voorschrift moeten worden uitgevoerd;

  7. van de zakelijk gerechtigden, huurders en pachters van percelen die gelegen zijn binnen de terreinen als in het eerste lid bedoeld;

  8. voor het verkeer ten behoeve van bezoek en van de verzorging van de onder d bedoelde personen.

  9. Het in het eerste lid gestelde verbod is voorts niet van toepassing:

  10. op wegen die gelegen zijn binnen de in het eerste lid bedoelde gebieden of terreinen;

  11. binnen de bij of krachtens de provinciale omgevingsverordening aangewezen stiltegebieden ten aanzien van motorrijtuigen die bij of krachtens die verordening zijn aangewezen als toestel.

  12. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod.

  13. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Artikel 5:33a

Voorschriften natuurgebieden en andere terreinen

Onverminderd het bepaalde in artikel 5:33 kan het college ten aanzien van door hem bij openbaar besluit aangewezen voor publiek toegankelijke natuurgebieden, parken, plantsoenen of voor recreatief gebruik bedoelde terreinen voorschriften stellen in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming van het milieu.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening 2015.