1. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.10 is het de houder van een openbare inrichting toegestaan een terras te exploiteren mits:

    1. met betrekking tot de ligging en het onderhoud van het terras door de exploitant de nodige zorgvuldigheid wordt betracht;

    2. het terras niet ontsierend is voor het straatbeeld;

    3. het terras geen gevaar of overmatige hinder oplevert voor de omgeving;

    4. het terras wordt ingericht aansluitend aan het pand waarin het horecabedrijf wordt geëxploiteerd;

    5. op wegen of weggedeelten, bestaande uit een rijbaan en een trottoir, het terras niet op de rijbaan wordt geplaatst en op het trottoir tussen het terras en de rijbaan een vrije en onbelemmerde doorgang van minimaal 1.50 meter resteert voor voetgangers, invaliden- en kinderwagens;

    6. op wegen of weggedeelten, enkel bestaand uit een trottoir, een vrije en onbelemmerde doorgang van minimaal 3.50 meter resteert voor hulpdiensten.

  2. De burgemeester kan ontheffing verlenen van de algemene regels genoemd in het eerste lid.