De opsporingsambtenaren kunnen te allen tijde op plaatsen waar zij redelijkerwijs kunnen vermoeden dat wapens of munitie aanwezig zijn, ter inbeslagneming doorzoeking doen.
Inhoud
§ 1 Algemene bepalingen
§ 2 Erkenning
§ 3 Bepalingen voor wapens van categorie I
§ 4 Binnenkomen en uitgaan van wapens en munitie van de categorieën II en III
§ 4a Uitvoer van vuurwapens en munitie opgenomen in bijlage I van verordening (EU) nr. 258/2012
§ 5 Vervoer van wapens en munitie van de categorieën II en III
§ 6 Voorhanden hebben en dragen van wapens en munitie van de categorieën II, III en IV
§ 7 Overdracht en verkrijging van wapens en munitie van de categorieën II, III en IV
§ 7a Markering van vuurwapens en munitie
§ 8 Veiligheidseisen
§ 9 Beroep
§ 9a Registratie ter uitvoering van Richtlijnverplichtingen
§ 10 Bepalingen over de uitvoering van de wet
§ 11 Toezicht op de naleving
§ 11a Opsporing
§ 12 Strafbepalingen
§ 13 Maatregelen
§ 14 Slotbepalingen
Artikel 49 (Doorzoeking o.b.v. WWM)
Actueel
2 verwijzing(en)
Hoge Raad
|
05-03-2013
|
22-03-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Hoge Raad
|
11-03-2008
|
22-03-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Annotaties
Bij: "redelijkerwijs kunnen vermoeden"
Een verdenking is niet nodig, maar een kale MMA-melding is mogelijk wel te weinig.
Bij: "wapens of munitie"
Hier moet het vermoeden (en de doorzoeking) op gericht zijn. Het is wel toegestaan om andere zaken in beslag te nemen waar het zoeken niet op gericht was o.b.v. bijvoorbeeld artikel 52 WWM.
Bij: "plaatsen"
In geval dat de plaats een woning is, is er in beginsel uiteraard een AWBI-machtiging nodig.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.