-
Rechtshandelingen in strijd met het bepaalde in de artikelen 33 en 34 zijn nietig.
-
Op de nietigheid kan geen beroep worden gedaan ten nadele van hem, die van de oplegging van de straf, de maatregel of de voorlopige maatregel onkundig was, tenzij hij ernstige reden had het bestaan er van te vermoeden.
-
Ten aanzien van de echtgenoot of geregistreerde partner, de bloed- of aanverwanten tot in de derde graad en de personen in dienst van degene, te wiens laste de straf, de maatregel of de voorlopige maatregel is uitgesproken, wordt aangenomen, dat zij ernstige reden hebben gehad de oplegging van de straf, de maatregel of de voorlopige maatregel te vermoeden, behoudens tegenbewijs.
Inhoud
Titel II Van de straffen en maatregelen
Titel III Van de opsporing
Titel IV Van voorlopige maatregelen
Titel V Van handelingen in strijd met straffen en maatregelen
Titel VI Van de afdoening buiten geding
Titel VII De berechting in eerste aanleg
Titel IX Van het hoger beroep
Titel XI Van de contactambtenaren
Titel XIa Van de samenwerking
Titel XII Overgangsbepalingen
Artikel 35
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.