Wet op de economische delicten

Inhoud
Titel I Van de economische delicten
Titel II Van de straffen en maatregelen
Titel III Van de opsporing
Titel IV Van voorlopige maatregelen
Titel V Van handelingen in strijd met straffen en maatregelen
Titel VI Van de afdoening buiten geding
Titel VII De berechting in eerste aanleg
Titel VIII
Titel IX Van het hoger beroep
Titel X
Titel XI Van de contactambtenaren
Titel XIa Van de samenwerking
Titel XII Overgangsbepalingen
Titel XIII Slotbepalingen

Artikel 10

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2026.
  1. Bij de uitspraak, waarbij een bijkomende straf of een maatregel, als vermeld in artikel 8, wordt opgelegd, worden, voor zoveel nodig, alle bijzonderheden en gevolgen naar behoefte geregeld, daaronder begrepen bij onderbewindstelling de benoeming van een of meer bewindvoerders. Bij oplegging van een bijkomende straf als vermeld in artikel 7, onder c, kan bovendien worden bevolen, dat de veroordeelde

    hem van overheidswege ten behoeve van zijn onderneming verstrekte bescheiden inlevert;

    in zijn onderneming aanwezige voorraden onder toezicht verkoopt;

    en zijn medewerking verleent bij inventarisatie van die voorraden.

  2. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 6:4:9 en 6:6:26 van het Wetboek van Strafvordering kan de rechter die de bijkomende straf of maatregel heeft opgelegd, na ontvangst van een vordering van het openbaar ministerie of op verzoek van de veroordeelde bij latere beslissing alsnog een regeling geven als vorenbedoeld, dan wel in de reeds gegeven regeling wijziging brengen of terzake een aanvullende regeling geven. De behandeling van de zaak vindt plaats met gesloten deuren; de uitspraak geschiedt in het openbaar. De beslissing is met redenen omkleed; zij is niet aan enig rechtsmiddel onderworpen.

  3. Wij behouden Ons voor, nadere voorschriften te geven ter uitvoering van dit artikel.

01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 22-11-2025 Historisch 18-07-2025 Historisch 01-07-2025 Historisch 09-05-2025 Historisch 04-02-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 19-12-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-05-2024 Historisch 01-04-2024 Historisch 30-03-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 30-12-2023 Historisch 15-11-2023 Historisch 01-07-2023 Historisch 20-06-2023 Historisch 01-06-2023 Historisch 19-04-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 22-12-2022 Historisch 01-11-2022 Historisch 01-10-2022 Historisch 03-09-2022 Historisch 16-07-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 01-06-2022 Historisch 02-03-2022 Historisch 01-02-2022 Historisch 28-01-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-08-2021 Historisch 23-07-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 30-06-2021 Historisch 26-05-2021 Historisch 26-04-2021 Historisch 21-04-2021 Historisch 01-03-2021 Historisch 17-02-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 04-12-2020 Historisch 15-10-2020 Historisch 01-10-2020 Historisch 03-09-2020 Historisch 01-09-2020 Historisch 08-07-2020 Historisch 01-07-2020 Historisch 21-05-2020 Historisch 19-03-2020 Historisch 31-01-2020 Historisch 23-01-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2020.

Tekst van deze versie

  1. Bij de uitspraak, waarbij een bijkomende straf of een maatregel, als vermeld in artikel 8, wordt opgelegd, worden, voor zoveel nodig, alle bijzonderheden en gevolgen naar behoefte geregeld, daaronder begrepen bij onderbewindstelling de benoeming van een of meer bewindvoerders. Bij oplegging van een bijkomende straf als vermeld in artikel 7, onder c, kan bovendien worden bevolen, dat de veroordeelde

    hem van overheidswege ten behoeve van zijn onderneming verstrekte bescheiden inlevert;

    in zijn onderneming aanwezige voorraden onder toezicht verkoopt;

    en zijn medewerking verleent bij inventarisatie van die voorraden.

  2. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 6:4:9 en 6:6:26 van het Wetboek van Strafvordering kan de rechter die de bijkomende straf of maatregel heeft opgelegd, na ontvangst van een vordering van het openbaar ministerie of op verzoek van de veroordeelde bij latere beslissing alsnog een regeling geven als vorenbedoeld, dan wel in de reeds gegeven regeling wijziging brengen of terzake een aanvullende regeling geven. De behandeling van de zaak vindt plaats met gesloten deuren; de uitspraak geschiedt in het openbaar. De beslissing is met redenen omkleed; zij is niet aan enig rechtsmiddel onderworpen.

  3. Wij behouden Ons voor, nadere voorschriften te geven ter uitvoering van dit artikel.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet op de economische delicten