-
De rechtbank is bevoegd ambtshalve te beslissen over de rechtmatigheid van een internering.
-
Daartoe hoort zij de geïnterneerde en stelt zij Onze Minister van Veiligheid en Justitie in de gelegenheid de redenen van de internering nader toe te lichten.
-
Artikel 19, derde tot en met twaalfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Inhoud
Artikel 21 Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag – Wettekst
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 01-01-2013.
Deze versie geldt vanaf 01-01-2013.
Officiële wettekst historische versie
Historische versies
22-02-2021
Historisch
22-01-2021
Historisch
01-01-2013
Historisch
01-05-2004
Historisch
17-02-1999
Historisch
Vergelijking met vorige versie
Vergeleken met 17-02-1999
Tekst van deze versie
Dit onderdeelartikel is nog niet inwerkingin getredenwerking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
- De rechtbank is bevoegd ambtshalve te beslissen over de rechtmatigheid van een internering.
- Daartoe hoort zij de geïnterneerde en stelt zij Onze Minister van Veiligheid en Justitie in de gelegenheid de redenen van de internering nader toe te lichten.
- Artikel 19, derde tot en met twaalfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.