Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag

Inhoud

Artikel 14 Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag – Wettekst

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2013.

Officiële wettekst historische versie

  1. Dit lid is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit lid in werking treden.

    De autoriteiten die daartoe door Onze Minister van Veiligheid en Justitie zijn aangewezen, zijn bevoegd elk aan de post of aan andere instellingen van vervoer of aan een inrichting van telecommunicatie toevertrouwd stuk of bericht in beslag te nemen, af te luisteren of op te nemen, te onderzoeken, achter te houden, geheel of gedeeltelijk te vernietigen, te wijzigen, onleesbaar te maken of te verhinderen dat het zijn bestemming bereikt.

  2. Bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie worden nadere regels gegeven met betrekking tot de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid.

Historische versies

22-02-2021 Historisch 22-01-2021 Historisch 01-01-2013 Historisch 01-05-2004 Historisch 17-02-1999 Historisch

Vergelijking met vorige versie

Vergeleken met 17-02-1999

Tekst van deze versie

  1. DeDit autoriteitenlid dieis daartoenog doorniet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze MinisterMinister-President, vandit Binnenlandse Zakenlid in overeenstemmingwerking met Onze Minister van Justitie zijn aangewezen, zijn bevoegd elk aan de post of aan andere instellingen van vervoer of aan een inrichting van telecommunicatie toevertrouwd stuk of bericht in beslag te nemen, af te luisteren of op te nemen, te onderzoeken, achter te houden, geheel of gedeeltelijk te vernietigen, te wijzigen, onleesbaar te maken of te verhinderen dat het zijn bestemming bereikt.treden.

    OnzeDe Ministerautoriteiten vandie Binnenlandsedaartoe Zaken geeft in overeenstemming metdoor Onze Minister van Veiligheid en Justitie naderezijn regelsaangewezen, metzijn betrekkingbevoegd totelk aan de uitoefeningpost of aan andere instellingen van devervoer bevoegdheid,of bedoeldaan een inrichting van telecommunicatie toevertrouwd stuk of bericht in beslag te nemen, af te luisteren of op te nemen, te onderzoeken, achter te houden, geheel of gedeeltelijk te vernietigen, te wijzigen, onleesbaar te maken of te verhinderen dat het eerstezijn lid.bestemming bereikt.

  2. Bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie worden nadere regels gegeven met betrekking tot de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag