Gerechtsdeurwaarderswet

Inhoud
Hoofdstuk I Algemene bepalingen
Hoofdstuk II De gerechtsdeurwaarder
Hoofdstuk III Waarnemend gerechtsdeurwaarders, kandidaat-gerechtsdeurwaarders en toegevoegd gerechtsdeurwaarders
Hoofdstuk IV Toezicht en tuchtrechtspraak
Hoofdstuk V Schorsing en ontslag
Hoofdstuk VI De Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders
Hoofdstuk VII Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 43a

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-01-2025.
  1. Indien een klacht geheel of gedeeltelijk gegrond wordt verklaard en een maatregel wordt opgelegd als bedoeld in artikel 43, tweede lid, kan de uitspraak tevens inhouden een veroordeling van de gerechtsdeurwaarder in:

    1. de kosten die de klager in verband met de behandeling van de klacht redelijkerwijs heeft moeten maken; en

    2. de overige kosten die in verband met de behandeling van de zaak zijn gemaakt.

  2. Het eerste lid, onderdeel a, is niet van toepassing voor zover de klacht is ingediend door Onze Minister, het Bureau of de KBvG.

  3. In geval van een veroordeling in de kosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, ten behoeve van de klager een toevoeging is verleend krachtens de Wet op de rechtsbijstand, wordt het bedrag van die kosten betaald aan de rechtsbijstandverlener. De rechtsbijstandverlener stelt de klager zoveel mogelijk schadeloos voor de door deze voldane eigen bijdrage. De rechtsbijstandverlener doet aan de raad voor rechtsbijstand opgave van een kostenvergoeding door beklaagde. In geval ten behoeve van de klager geen toevoeging is verleend, worden de kosten betaald aan de klager.

  4. Op een veroordeling in de kosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, is het bepaalde in artikel 43, zesde lid, van overeenkomstige toepassing.

  5. De vergoeding van de kosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt in mindering gebracht op de in artikel 78 bedoelde kosten die samenhangen met tuchtrechtspraak.

01-01-2025 Huidig 01-04-2024 Historisch 01-05-2023 Historisch 01-10-2020 Historisch 01-03-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2020.

Tekst van deze versie

  1. Indien een klacht geheel of gedeeltelijk gegrond wordt verklaard en een maatregel wordt opgelegd als bedoeld in artikel 43, tweede lid, kan de uitspraak tevens inhouden een veroordeling van de gerechtsdeurwaarder in:

    1. de kosten die de klager in verband met de behandeling van de klacht redelijkerwijs heeft moeten maken; en

    2. de overige kosten die in verband met de behandeling van de zaak zijn gemaakt.

  2. Het eerste lid, onderdeel a, is niet van toepassing voor zover de klacht is ingediend door Onze Minister, het Bureau of de KBvG.

  3. In geval van een veroordeling in de kosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, ten behoeve van de klager een toevoeging is verleend krachtens de Wet op de rechtsbijstand, wordt het bedrag van die kosten betaald aan de rechtsbijstandverlener. De rechtsbijstandverlener stelt de klager zoveel mogelijk schadeloos voor de door deze voldane eigen bijdrage. De rechtsbijstandverlener doet aan de raad voor rechtsbijstand opgave van een kostenvergoeding door beklaagde. In geval ten behoeve van de klager geen toevoeging is verleend, worden de kosten betaald aan de klager.

  4. Op een veroordeling in de kosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, is het bepaalde in artikel 43, zesde lid, van overeenkomstige toepassing.

  5. De vergoeding van de kosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt in mindering gebracht op de in artikel 78 bedoelde kosten die samenhangen met tuchtrechtspraak.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Gerechtsdeurwaarderswet