-
De gerechtsdeurwaarder is verplicht de in artikel 17, eerste lid, bedoelde stukken, vergezeld van een verslag van het onderzoek daarover van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, dat voor wat betreft de jaarrekening van het kantoor ten minste een beoordelingskarakter draagt, binnen zes maanden na afloop van elk boekjaar in te dienen bij het Bureau.
-
Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld betreffende de wijze van indiening en de inhoud van het verslag, bedoeld in het eerste lid, alsmede de inhoud en wijze van verstrekking van overige gegevens aan het Bureau.
Inhoud
Hoofdstuk I Algemene bepalingen
Hoofdstuk II De gerechtsdeurwaarder
Paragraaf 1 Ambt en bevoegdheid
Paragraaf 2 Benoeming en beëdiging
Paragraaf 3 Verplichtingen
Paragraaf 4 Administratie en boekhouding
Paragraaf 5 Nevenwerkzaamheden
Paragraaf 6 De declaratie
Hoofdstuk III Waarnemend gerechtsdeurwaarders, kandidaat-gerechtsdeurwaarders en toegevoegd gerechtsdeurwaarders
Paragraaf 1 De waarnemend gerechtsdeurwaarder
Paragraaf 2 De kandidaat-gerechtsdeurwaarder en de toegevoegd gerechtsdeurwaarder
Hoofdstuk IV Toezicht en tuchtrechtspraak
Paragraaf 1 Toezicht
Hoofdstuk V Schorsing en ontslag
Hoofdstuk VI De Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders
Paragraaf 1 De organisatie van de KBvG
Paragraaf 2 Het bestuur van de KBvG
Paragraaf 3 De ledenraad
Paragraaf 4 De algemene ledenvergadering
Paragraaf 5 De geldmiddelen van de KBvG
Paragraaf 6 De verordeningen en andere besluiten van de KBvG
Paragraaf 7 Overige bepalingen
Hoofdstuk VII Overgangs- en slotbepalingen
Artikel 31
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.