Gemeentewet Actueel

Inhoud
Titel I Begripsbepalingen
Titel II De inrichting en samenstelling van het gemeentebestuur
Hoofdstuk I Algemene bepaling
Hoofdstuk II De raad
Hoofdstuk III Het college van burgemeester en wethouders
Hoofdstuk IV De burgemeester
Hoofdstuk IVa De rekenkamer
Hoofdstuk IVb De rekenkamerfunctie
Hoofdstuk IVc De ombudsman
Hoofdstuk V De commissies
Hoofdstuk VI Geldelijke voorzieningen ten behoeve van de leden van de raad en de commissies
Hoofdstuk VII De secretaris en de griffier
Titel III De bevoegdheid van het gemeentebestuur
Hoofdstuk VIII Algemene bepalingen
Hoofdstuk IX De bevoegdheid van de raad
Hoofdstuk X De bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders
Hoofdstuk XI De bevoegdheid van de burgemeester
Hoofdstuk XIa De bevoegdheid van de rekenkamer
Titel IV De financiën van de gemeente
Hoofdstuk XII Algemene bepalingen
Hoofdstuk XIII De begroting en de jaarrekening
Hoofdstuk XIV De administratie en de controle
Hoofdstuk XV De gemeentelijke belastingen
Titel V Aanvullende bepalingen inzake het toezicht op het gemeentebestuur
Titel VI
Titel VII Overgangs- en slotbepalingen
Bijlage I bedoeld in artikel 124b, eerste lid, van de Gemeentewet

Hoofdstuk VII

De secretaris en de griffier

Artikel 100

  1. In iedere gemeente is een secretaris en een griffier.

  2. Een secretaris is niet tevens griffier.

Artikel 101

Artikel 15, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op de secretaris en de griffier.

Artikel 102

Het college benoemt de secretaris. Hij is tevens bevoegd de secretaris te schorsen en te ontslaan.

Artikel 103

  1. De secretaris staat het college, de burgemeester en de door hen ingestelde commissies bij de uitoefening van hun taak terzijde.

  2. Het college stelt in een instructie nadere regels over de taak en de bevoegdheden van de secretaris.

Artikel 104

De secretaris is in de vergadering van het college aanwezig.

Artikel 105

  1. De stukken die van het college uitgaan, worden door de secretaris medeondertekend.

  2. Het eerste lid is niet van toepassing indien de ondertekening van stukken die van het college uitgaan ingevolge artikel 75, tweede lid, aan de secretaris of een andere gemeenteambtenaar is opgedragen.

Artikel 106

  1. Het college regelt de vervanging van de secretaris.

  2. De artikelen 101 tot en met 105 zijn van overeenkomstige toepassing op degene die de secretaris vervangt.

Artikel 107

De raad benoemt de griffier. Hij is tevens bevoegd de griffier te schorsen en te ontslaan.

Artikel 107a

  1. De griffier staat de raad en de door de raad ingestelde commissies bij de uitoefening van hun taak terzijde.

  2. De raad stelt in een instructie nadere regels over de taak en de bevoegdheden van de griffier.

Artikel 107c

De stukken die van de raad uitgaan, worden door de griffier medeondertekend.

Artikel 107d

  1. De raad regelt de vervanging van de griffier.

  2. De artikelen 101 en 107 tot en met 107c zijn van overeenkomstige toepassing op degene die de griffier vervangt.

Artikel 107e

  1. De raad kan regels stellen over de organisatie van de griffie.

  2. De raad is bevoegd de op de griffie werkzame ambtenaren te benoemen, te schorsen en te ontslaan.

← terug naar Gemeentewet