Besluit administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften Laatste controle 14-05-2026, laatste wijziging 20-04-2026 (Bron: wetten.overheid.nl).

Inhoud
§ 1 Begripsbepalingen
§ 2 De bevoegde ambtenaren en de bevoegdheid tot het opleggen van de administratieve sanctie
§ 3 De betaling
§ 4 Het toezicht
§ 5 De verantwoording der gelden
§ 5a De administratiekosten en de kosten van verhaal
§ 6 Bijstand
§ 7 Slotbepalingen

§ 5

De verantwoording der gelden

Artikel 8

  1. Onze Minister draagt zorg voor de opening van een of meer afzonderlijke bankrekeningen welke uitsluitend bestemd zijn voor de betaling van gelden, voortvloeiend uit het gebruik van de bevoegdheid tot het opleggen van de administratieve sancties.

  2. Onze Minister is belast met het beheer van de in het eerste lid bedoelde bankrekeningen en de in verband daarmee te voeren administratie.

Artikel 9

  1. Door de betrokken korpschef worden ambtenaren aangewezen aan wie de administratieve sanctie in de gevallen, bedoeld in artikel 4, tweede lid, kan worden betaald.

  2. Na betaling aan de ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, wordt een betalingsbewijs uitgereikt. Onze Minister stelt de eisen vast waaraan het betalingsbewijs moet voldoen.

  3. De ontvangen gelden worden regelmatig overgemaakt op de daartoe bestemde bankrekeningen van Onze Minister.

  4. Onze Minister stelt nadere voorschriften vast omtrent de verstrekking en het beheer van de betalingsbewijzen, de afrekening en verantwoording van de ontvangen gelden, en de in verband daarmee te voeren administratie.

Artikel 10

De ambtenaren, bedoeld in artikel 9, eerste lid, en al degenen die verder bij de uitvoering van de in artikel 9, vierde lid, bedoelde voorschriften zijn betrokken, verstrekken desgevraagd alle inlichtingen hieromtrent aan de hoofdofficier van justitie, alsmede aan Onze Minister.

Artikel 11

  1. Wat de politie betreft doet de korpschef op de door Onze Minister te bepalen wijze jaarlijks opgave van de uitvoering van de in artikel 9, vierde lid, bedoelde voorschriften en van de met het oog op de toepassing van dit besluit verrichte accountantscontrole.

  2. Wat de Koninklijke Marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaren betreft doen de betrokken korpschefs op de door Onze Minister te bepalen wijze jaarlijks opgave van de uitvoering van de in artikel 9, vierde lid, bedoelde voorschriften en van de met het oog op de toepassing van dit besluit verrichte accountantscontrole.

← terug naar Besluit administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften