1. In dit artikel wordt onder carbid schieten verstaan: het in een (melk)bus op explosieve wijze verbranden van acetyleengas, afkomstig van een reactie tussen calciumacetylide (carbid) en water of een gas of gasmengsel met vergelijkbare eigenschappen.

  2. Het is verboden met carbid te schieten.

  3. Het verbod in het tweede lid geldt niet als:

    1. het carbid schieten plaatsvindt;

      1. op 31 december vanaf 13:00 uur tot 1 januari 2:00 uur, tenzij 31 december op een zondag valt; in dat geval is het carbidschieten alleen toegestaan op de betreffende zaterdag, die onmiddellijk aan deze zondag voorafgaat, vanaf 13.00 uur.

      2. buiten de bebouwde kom;

      3. in tegengestelde richting van de dichtst bijgelegen woonbebouwing;

      4. op een locatie die is gelegen op een afstand van tenminste 75 meter van de woonbebouwing, 300 meter van medische- en zorginstellingen en 300 meter van inrichtingen waar dieren worden gehouden;

    2. gebruik wordt gemaakt van (melk)bussen of vergelijkbare voorwerpen met een maximale inhoud van 40 liter en worden afgesloten met een zacht materiaal (plastic, bal of zak);

    3. het vrije schootsveld tenminste 75 meter bedraagt en binnen deze afstand geen openbare paden of wegen zijn;

    4. de locatie waar het carbid schieten plaatsvindt is afgezet met linten of ander vergelijkbaar materiaal, zodat toeschouwers niet in de nabijheid van de voorwerpen waarmee carbid geschoten wordt en de schietrichtingen kunnen komen te staan;

    5. toestemming is verkregen van de zakelijk gerechtigde van het perceel of de percelen waarop het carbid schieten plaatsvindt;

    6. degene die carbid schiet;

      1. ouder is dan 18 jaar;

      2. niet onder invloed van alcohol of andere drugs is;

    7. er geen handelingen worden verricht of nagelaten waarvan degene die het carbid schieten verricht weet of redelijkerwijs had kunnen vermoeden dat daardoor gevaar, schade of hinder kan optreden voor mens, dier of milieu;

    8. er wordt voldaan aan de Wet natuurbescherming.

  4. Het college kan nadere regels vaststellen ter bescherming van de openbare orde, volksgezondheid en veiligheid.

  5. Het in het tweede lid bepaalde geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het gestelde bij of krachtens de Omgevingswet, de Wet wapens en munitie of het Wetboek van Strafrecht.