1. De vergunning kan uitsluitend worden gesteld ten name van de ondernemer en is niet overdraagbaar.

  2. In de vergunning wordt de naam van degene die met het dagelijkse toezicht en onmiddellijke leiding in de speelautomatenhal is belast (bedrijfsleider/beheerder) vermeld.

  3. Aan de vergunning worden voorschriften en beperkingen verbonden. Deze hebben in elk geval betrekking op:

  4. de sluitingstijden van de speelautomatenhal;

  5. het toezicht in de speelautomatenhal;

  6. het aantal en type speelautomaten dat mag worden opgesteld;

  7. de exploitatie van de speelautomatenhal.