Betreden van plantsoenen e.d.

  1. Het is aan degene die daartoe niet bevoegd is verboden zonder ontheffing van het college zich te bevinden in of op bij de gemeente in onderhoud zijnde parken, wandelplaatsen, plantsoenen, groenstroken of grasperken, buiten de daarin gelegen wegen of paden.

  2. Het college is bevoegd ter voorkoming of opheffing van overlast of schade, tijden vast te stellen, waarbinnen het verboden is zich in daartoe door het college aangewezen parken of plantsoenen te begeven of te bevinden.

  3. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste en tweede lid gestelde verbod.

  4. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.