1. Incidentele asverstrooiing is verboden op:

    1. verharde delen van de weg;

    2. de gemeentelijke begraafplaats.

    3. het speel- en sportgedeelte van speel- en sportterreinen.

    4. Waterpartijen zoals vijvers en beken.

  2. Het college kan een besluit nemen waarin voor een bepaalde termijn wordt verboden dat op andere plaatsen en dan genoemd in het eerste lid asverstrooiing plaatsvindt.

  3. Het college kan op verzoek van de nabestaande die zorg draagt voor de asbus op grond van bijzondere omstandigheden ontheffing verlenen van het verbod uit het eerste lid, behoudens de gemeentelijke begraafplaats.

  4. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing