De burgemeester is bevoegd overeenkomstig artikel 154a van de Gemeentewet te besluiten tot het tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen groepen van personen op een door hem aangewezen plaats als deze personen het bepaalde in de artikelen 2:1, 2:10, 2:11, 2:16, 2:26, 2:47, 2:48, 2:49, 2:50, 2:73 of 2:73a van deze verordening groepsgewijs niet naleven.