1. Het is voor personen die de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt verboden binnen de bebouwde kom op een openbare plaats:

    • alcoholhoudende drank te nuttigen en/of

    • aangebroken flesjes, blikjes en dergelijke met alcoholhoudende drank bij zich te hebben;

  2. en hierdoor hinder veroorzaken.

  3. Het college kan gebieden aanwijzen , gelegen buiten de bebouwde kom, waar het voor personen die de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt, verboden is alcoholhoudende drank te gebruiken of aangebroken flessen, blikjes en dergelijke met alcoholhoudende drank bij zich te hebben.

  4. Het verbod is niet van toepassing op:

    1. een terras dat behoort bij een horecabedrijf als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet;

    2. een andere plaats dan een horecabedrijf als bedoeld onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Alcoholwet.