Onverminderd het bepaalde in artikel 1.6 wordt de vergunning ingetrokken indien:

  1. de exploitant of andere leidinggevenden niet of niet langer voldoen aan de in deze verordening gestelde eisen;

  2. dit anderszins noodzakelijk is in het belang van de openbare orde, de aantasting van het wonen leefklimaat daaronder inbegrepen.