1. Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening en de op grond van artikel 1:4 daarbij gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.

  2. Het bepaalde in lid 1 geldt niet voor artikelen van deze verordening en de krachtens deze artikelen gegeven voorschriften en beperkingen welke gebaseerd zijn op een bijzondere wet, waarin ten aanzien van de overtreding van deze artikelen, voorschriften en beperkingen reeds een strafbedreiging is gegeven.