Algemene plaatselijke verordening gemeente Eijsden-Margraten 2015 BETA Foutje gevonden?

Inhoud

Afdeling 12. Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester

Artikel 2:74b

Aanwijzen plaatsen

  1. De burgemeester is bevoegd overeenkomstig artikel 151c van de Gemeentewet te besluiten tot plaatsing van camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats.

  2. De burgemeester brengt het besluit als bedoeld in lid 1 zo spoedig mogelijk ter kennis van de raad.

  3. De burgemeester brengt binnen 2 maanden na afloop van de vastgestelde duur van het cameratoezicht verslag daarvan uit aan de raad.

Artikel 2:75

- Bestuurlijke ophouding

De burgemeester kan overeenkomstig artikel 154a van de Gemeentewet besluiten tot het tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen groepen van personen op een door hem aangewezen plaats indien deze personen het bepaalde in de hieronder genoemde artikelen van deze verordening groepsgewijs niet naleven.

Het betreft de artikelen:

Artikel 2:1: Samenscholing en ongeregeldheden

Artikel 2:10: Het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in strijd met de publieke functie ervan

Artikel 2:11: Aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg

Artikel 2:16: Openen straatkolken e.d.

Artikel 2:19: Gevaarlijk of hinderlijk voorwerp

Artikel 2:47: Hinderlijk gedrag op openbare plaatsen

Artikel 2:47a: Verplichte route

Artikel 2:48: Verboden drankgebruik

Artikel 2:49: Verboden gedrag bij of in gebouwen

Artikel 2:50: Hinderlijk gedrag in voor publiek toegankelijke ruimten

Artikel 2:73: Bezigen van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling

Artikel 5:34: Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken.

Artikel 2:76

- Veiligheidsrisicogebieden

De burgemeester kan overeenkomstig artikel 151b van de Gemeentewet bij verstoring van de openbare orde door de aanwezigheid van wapens, dan wel bij ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, een gebied, met inbegrip van de daarin gelegen voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven, aanwijzen als veiligheidsrisicogebied.

Artikel 2:77

Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet

  1. Degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt of tegen betaling in gebruik geeft, draagt er zorg voor dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt.

  2. De burgemeester kan een last onder bestuursdwang wegens overtreding van het eerste lid in ieder geval opleggen bij ernstige en herhaaldelijke:

    1. geluid- of geurhinder;

    2. hinder van dieren;

    3. hinder van bezoekers of personen die tijdelijk in een woning of op een erf aanwezig zijn;

    4. overlast door vervuiling of verwaarlozing van een woning of een erf;

    5. intimidatie van derden vanuit een woning of een erf.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening gemeente Eijsden-Margraten 2015