1. Het is verboden gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen onder publiek te verspreiden dan wel openlijk aan te bieden op de door het college aangewezen openbare plaatsen.

  2. Het college kan de werking van het verbod beperken tot bepaalde dagen en uren.

  3. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod in het eerste lid.

  4. In afwijking van het vierde lid bestaat een meldingsplicht voor niet- commerciële organisaties, onder de volgende voorwaarden:

    1. de organisator van de niet- commerciële organisatie doet uiterlijk 10 werkdagen voor de uit te voeren activiteit, zoals omschreven in het eerste lid, een melding bij het college;

    2. de uit te voeren activiteit, zoals omschreven in het eerste lid, mag enkel plaatsvinden op maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag, zaterdag en op door of namens het college aangewezen koopzondagen gedurende de winkeltijden.

    3. de organisatie van de niet- commerciële organisatie is verplicht in een straal van 50 meter rondom haar verspreidingsgebied weggegooide geschreven of gedrukte stukken op te ruimen.

  5. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.