Algemene plaatselijke verordening 2012 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 13-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde
Afdeling Bestrijding van ongeregeldheden
Afdeling Betoging
Afdeling Verspreiden van gedrukte stukken
Afdeling Vertoningen e.d. op de weg
Afdeling Bruikbaarheid en aanzien van de weg
Afdeling Veiligheid op de weg
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Bijzondere bepalingen over horecabedrijven als bedoeld in de Drank- en Horecawet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
AFDELING PERMANENTE KERMIS
Afdeling Maatregelen tegen overlast en baldadigheid
Afdeling Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen
Afdeling Vuurwerk
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bestuurlijke ophouding, veiligheidsrisicogebieden en cameratoezicht op openbare plaatsen
Hoofdstuk Seksinrichtingen, sekswinkels, straatprostitutie e.d.
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding der gemeente
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Afdeling

Overige vormen van openluchtrecreatie

Artikel 5:38

Zwemmen in openbaar water

  1. Het is verboden te zwemmen in openbaar water.

  2. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet:

  3. in de zee vanaf het strand tussen de kilometerpalen 0 en 7.8 en binnen de denkbeeldige lijn tussen de koppen van de strekdammen;

b in gedeelten van openbaar water die zijn ingericht ten behoeve van het zwemmen, dan wel als zwemplaats zijn aangeduid.

  1. Het is verboden zich met een luchtbed of -kussen, een opblaasbare band of een ander voorwerp dat als drijfmiddel kan worden gebruikt, in zee te begeven of te bevinden. Dit verbod is niet van toepassing op het als zodanig gebruiken of aan boord van een vaartuig hebben van reddingsmiddelen.

  2. Ieder die zich in of nabij de in het tweede lid aangeduide gedeelten van het openbaar water bevindt, dient de aanwijzingen en bevelen van politie en andere instanties die toezien op de zwemveiligheid, stipt en onverwijld op te volgen.

  3. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod.

Artikel 5:39

Strandrecreatie

  1. Het is zonder vergunning van het college verboden om op of nabij het strand parasols, strandstoelen, of windschermen te verhuren.

  2. Het is verboden op het strand naakt te recreëren.

  3. Het in het tweede lid gestelde verbod geldt niet op het strand tussen de kilometerpalen 4.090 en 5.0.

  4. Het is verboden met voertuigen op het strand te rijden, deze aldaar te brengen of te hebben.

  5. Het in het vierde lid gestelde verbod geldt niet:

  6. voor voertuigen van politie, brandweer, de ambulancedienst, de zeeweringbeheerder, het reddingswezen, de strandbeheerder en de strandvonder;

  7. voor fietsen, zeilwagens en paardewagens gedurende de periode van 1 oktober tot 1 mei.

  8. Het college kan ontheffing verlenen van het in het vierde lid gestelde verbod.

Artikel 5:40

Ruitersport

  1. Het is verboden gedurende het tijdvak van 1 mei tot 1 oktober, van 9.00 tot 19.00 uur, op het strand een paard of een ander rijdier te berijden of mee te voeren.

  2. Het is verboden om in het duingebied en andere voor natuur en/of recreatie ingerichte gebieden een paard of ander rijdier te berijden of mee te voeren, anders dan op de daarvoor aangewezen ruiterpaden.

  3. Het in het eerste en tweede lid gestelde verbod geldt niet voor politieambtenaren bij de uitoefening van hun taak.

  4. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste en tweede lid gestelde verbod.

Artikel 5:41

Watersport

  1. Het is verboden om:

  2. een vaartuig vanaf de weg of vanuit zee op het strand of de zeewering te brengen, op het strand of de zeewering te hebben of vanaf de weg, het strand of de zeewering in zee te brengen;

  3. met een vaartuig tussen de strekdammen langs het strand te varen;

  4. Het is verboden om met een gemotoriseerd vaartuig, dat gebruikt wordt voor recreatieve of sportieve doeleinden, sneller te varen dan 20 km/u. Dit verbod is niet van toepassing op zee:

  5. in de betonde vaargeulen van en naar de haven van Den Helder;

  6. in het gedeelte van het Marsdiep, dat is gelegen tussen en ten zuiden van de lijn gevormd door de verbinding tussen de tonnen T1 en T3, met dien verstande dat hier niet gevaren mag worden binnen een afstand van 20 meter uit de oever dan wel bij een zicht van minder dan 500 meter.

  7. Met een waterscooter, zoals gedefinieerd in het Zevende Wijzigingsbesluit BPR, mag uitsluitend gevaren worden in de in lid 2 onder a. en b. omschreven gebieden.

  8. De in het eerste en tweede lid gestelde verboden zijn voorts niet van toepassing op:

  9. vaartuigen in gebruik bij de politie, het reddingswezen, Rijkswaterstaat en de Koninklijke Marine;

  10. vaartuigen, mits gebruik wordt gemaakt van door burgemeester en wethouders bij openbaar bekend te maken besluit nader aan te wijzen zeewering- en strandgedeelten en bij het gebruik van de vaartuigen wordt voldaan aan door het college te stellen voorwaarden.

  11. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste tot en met derde lid, alsmede van de bepalingen in het besluit als bedoeld in lid 4, onder b.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening 2012