-
In deze afdeling wordt verstaan onder:
boom: een houtachtig overblijvend gewas met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal 10 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van meerstammigheid geldt de dwarsdoorsnede van de dikste stam.
houtopstand: één of meer bomen of boomvormers, hakhout, houtwallen of andere houtachtige gewassen.
hakhout: een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen;
boomstructuur: een verzameling houtopstanden die samen een – al dan niet onderbroken – lijn of andere verbindingsstructuur vormen door het gebied. Bijvoorbeeld laanbomen, wegbeplantingen, dijk- en oeverbeplantingen, lintbegroeiingen, esrandbeplantingen, bossingels langs beekdalen, beplantingen langs cultuurhistorische tracés en houtwallen;
laanbeplanting: lijnvormige landschapselementen van bomen met een boomkroon op stam;
boomzone: een (begrensd) gebied van houtopstanden met een specifieke waarde of kwaliteit, dat een samenhangend geheel vormt al dan niet in combinatie met bebouwing of objecten. Bijvoorbeeld een landschap, streek, brink, begraafplaats, park, buitenplaats/landgoed, erf/tuin behorend bij karakteristiek pand, pestbosje, beschermd dorpsgezicht, dorpsrand;
beschermwaardige houtopstand: houtopstand van hoge dendrologische, ecologische, cultuurhistorische waarde, of die vanwege zijn leeftijd en verschijningsvorm beeldbepalend en onvervangbaar is voor het karakter van de omgeving, die is opgenomen op de Bomenlijst;
bomenlijst: de door het college vastgestelde lijst van beschermwaardig houtopstanden, waarin ook de in bestemmingsplannen als zodanig aangegeven beschermwaardige houtopstanden in zijn opgenomen;
vellen: rooien; kappen; verplanten; het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood of ernstige beschadiging of ernstige ontsiering van de boom ten gevolge kunnen hebben;
dunning: velling, welke uitsluitend als een verzorgingsmaatregel ter bevordering van de groei van de overblijvende houtopstand moet worden beschouwd;
knotten/kandelaberen: het tot op de oude snoeiplaats verwijderen van uitgelopen takhout bij knotbomen, gekandelaberde bomen of leibomen als periodiek noodzakelijk onderhoud.
Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Aa en Hunze 2020 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Paragraaf Afdeling 2
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit Drank- en Horecawet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:48
- Artikel 2:48a
- Artikel 2:49
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:59a
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Afdeling bestrijding van heling van goederen
Afdeling Consumentenvuurwerk
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen
Afdeling
Artikel 4:11
Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden
-
Het is verboden zonder vergunning van het college houtopstanden te vellen of te doen vellen.
-
Het verbod is alleen van toepassing op houtopstanden:
die voorkomen op de bomenlijst die als bijlage 1 is gevoegd bij de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Aa en Hunze, of;
die deel uitmaken van boomstructuren, boomzones, of;
waarvoor een instandhoudingsverplichting vanwege een (her)plantplicht geldt, dan wel voor groenstructuren die zijn aangeplant als landschappelijke inpassing in verband met ruimtelijke aanvaardbaarheid van bouwplannen.
-
Het verbod is bovendien niet van toepassing op houtopstanden:
die bij wijze van dunning moeten worden geveld;
die moeten worden geveld krachtens de Plantenziektewet;
het periodiek vellen van bestaand hakhout ter uitvoering van regulier onderhoud;
het periodiek knotten of kandelaberen van houtopstanden ter uitvoering van regulier onderhoud
-
Het eerste lid is niet van toepassing als de burgemeester toestemming verleent voor het vellen van een houtopstand in verband met een spoedeisend belang voor de openbare orde of een direct gevaar voor personen of goederen.
Artikel 4:12.
Aanvraag vergunning
-
De vergunning moet worden aangevraagd door of namens, dan wel met toestemming van, degene, die krachtens zakelijk recht of door degene die krachtens publiekrechtelijke bevoegdheid gerechtigd is over de houtopstand te beschikken.
-
Indien blijkens de aanvraag de houtopstand door ziekte is aangetast en/of de veiligheid in het geding is, dan kan worden verlangd, dat een boom-veiligheidsanalyse, opgesteld door een erkend boomtechnisch adviseur, wordt overlegd.
Artikel 4:12A
Weigeringsgronden
-
Het college kan de vergunning om te vellen weigeren dan wel onder voorschriften verlenen.
-
Een vergunning wordt geweigerd indien de belangen van verlening niet opwegen tegen de belangen van behoud van de houtopstand op basis van één of meer van de volgende waarden:
de natuurwaarde van de houtopstand;
de landschappelijke waarde van de houtopstand;
de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon;
de beeldbepalende waarde van de houtopstand;
de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;
de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand.
-
Voor houtopstanden waaraan onder kennisgeving aan de rechthebbende eigenaar krachtens een besluit van het college het predicaat beschermwaardig is toegekend en als zodanig bekend zijn zal in beginsel een omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstand worden geweigerd, tenzij naar het oordeel van het college velling van betreffende houtopstand onvermijdelijk is.
-
Voor houtopstanden waaraan op grond van de Flora- en faunawet vellen is verboden, zal in beginsel een omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstand worden geweigerd, tenzij naar het oordeel van het college velling van de betreffende houtopstand onvermijdelijk is.
Artikel 4:12B
Bijzondere vergunningsvoorschriften
-
Aan de voorschriften, die aan de vergunning te verbinden zijn, kan een bepaalde termijn gesteld worden waarop, overeenkomstig de door het college te geven aanwijzingen, tot herplant moet worden overgegaan.
-
Wordt een voorschrift als bedoeld in het eerste lid gegeven, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na de herplant en op welke wijze eventueel niet-aangeslagen beplanting moet worden vervangen.
-
Van de vergunning mag geen gebruik worden gemaakt gedurende:
de bezwarentermijn van zes weken na de bekendmaking van de vergunning;
twee weken na de beslissing op bezwaar, indien een bezwaarschrift is ingediend;
twee weken na de uitspraak van de bestuursrechter, indien een voorlopige voorziening is aangevraagd.
-
Van de vergunning mag eveneens geen gebruik worden gemaakt tijdens de periode van 15 maart tot 15 juli, ten zij er geen sprake is van strijdigheid met de Wet Natuurbescherming.
Artikel 4:12C
Herplant- en instandhoudingsplicht
-
Indien de houtopstand waarop het verbod tot vellen van toepassing is, zonder vergunning van het college is geveld, dan wel op andere wijze teniet is gegaan, kan het college aan de zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de houtopstand bevond dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te herplanten overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen te stellen termijn.
-
Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid opgelegd, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na herplant, en op welke wijze, niet aangeslagen herplant moet worden vervangen.
-
Indien de houtopstand, waarop het verbod tot vellen van toepassing is, in het voortbestaan ernstig wordt bedreigd, kan het college aan de zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich die houtopstand bevindt dan wel aan degene die uit anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om:
overeenkomstig door het college te geven aanwijzingen binnen een door het college te stellen termijn voorzieningen te treffen, waardoor een bedreiging wordt weggenomen;
een boom-veiligheidsanalyse op te stellen en aan te bieden aan het college.
-
Voorschriften of verplichtingen als bedoeld in dit artikel zijn van overeenkomstige toepassing op rechtsopvolgers.
Artikel 4:12D
Bestrijding van boomziekten
-
Indien zich op een terrein één of meer iepen bevinden die naar het oordeel van het college gevaar opleveren voor de verspreiding van de iepziekte of voor vermeerdering van iepenspintkevers, is de rechthebbende, indien hij daartoe door het college wordt aangeschreven, verplicht binnen de bij de aanschrijving vast te stellen termijn:
de iep te vellen;
de iepen te ontschorsen en de schors te vernietigen; of
de niet-ontschorste iepen of delen daarvan conform richtlijnen van het college te vernietigen of zodanig te behandelen dat verspreiding van de iepziekte wordt voorkomen.
-
Het is verboden gevelde iepen of delen, met uitzondering van geheel ontschorst iepenhout en iepenhout met een doorsnede kleiner dan 4 cm., voorhanden of in voorraad te hebben of te vervoeren.
-
Indien zich op een terrein één of meer bomen bevinden die naar het oordeel van het college gevaar opleveren voor de verspreiding van een andere boomziekte of voor vermeerdering van ziekteverspreiders zoals insecten, is de rechthebbende, indien hij daartoe door het college wordt aangeschreven, verplicht binnen de bij de aanschrijving vast te stellen termijn:
de houtopstand te vellen;
conform de richtlijnen van het college de gevelde houtopstand direct zodanig te behandelen dat verspreiding van de boomziekte wordt voorkomen.
-
Het is verboden gevelde bomen of delen daarvan voorhanden of in voorraad te hebben of te vervoeren, indien het een boomsoort betreft die de desbetreffende boomziekte kan verspreiden.
-
Het college kan ontheffing verlenen van het in het tweede en vierde lid van dit artikel gestelde verbod.
-
Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
-
Het niet voldoen aan de in het eerste en derde lid bedoelde aanschrijving biedt een basis voor de toepassing van bestuursdwang, waarbij de noodzakelijke werkzaamheden voor risico en voor rekening van de aangeschrevene, door of namens de gemeente kunnen worden verricht.
Artikel 4:12E
Bescherming publieke houtopstand
-
Het is verboden om houtopstanden die publiek eigendom zijn te beschadigen, te bekladden of te beplakken.
-
Het is verboden om één of meer voorwerpen in of aan een publieke houtopstand aan te brengen of anderszins te bevestigen, behoudens vergunning van het college.
-
Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.