1. Onverminderd artikel 71, eerste lid, zijn de ambtenaren die bij besluit van het bestuurscollege zijn aangewezen, belast met toezicht op de naleving van:

    1. het gestelde bij of krachtens artikel 40;

    2. het gestelde bij of krachtens artikel 51 ten aanzien van de krachtens artikel 45 aangewezen inrichtingen; en

    3. de verordening, bedoeld in artikel 39.

  2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over het toezicht, bedoeld in het eerste lid, onder b.