Veiligheidswet BES

Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2 Politie
Hoofdstuk 3 Brandweerkorps voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Hoofdstuk 4 Brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing
Hoofdstuk 5 Samenwerking
Hoofdstuk 6 Financiën
Hoofdstuk 7 Toezicht
Hoofdstuk 8 Sancties en overige bepalingen
Hoofdstuk 9 Overgangs- en invoeringsbepalingen

Artikel 46

HISTORISCH
  1. Indien het bevoegde bestuursorgaan verzuimt een rampen- en crisisplan, een rampbestrijdingsplan of beleidsplan vast te stellen, nodigt de Rijksvertegenwoordiger dat bestuursorgaan uit om het plan binnen drie maanden vast te stellen.

  2. Indien de Rijksvertegenwoordiger van oordeel is dat het rampen- en crisisplan, het rampbestrijdingsplan of het beleidsplan niet aan de wettelijke eisen voldoet, nodigt hij het tot vaststellen bevoegde bestuursorgaan binnen drie maanden nadat het plan is ontvangen uit het plan binnen door hem vast te stellen termijn te wijzigen.

  3. Indien de Rijksvertegenwoordiger van oordeel is dat het rampen- en crisisplan, het rampbestrijdingsplan of beleidsplan niet meer actueel is, nodigt hij het tot vaststellen bevoegde bestuursorgaan uit het plan binnen een door hem vast te stellen termijn te wijzigen.

  4. Indien het bestuursorgaan geen gevolg geeft aan een uitnodiging op grond van het eerste, tweede of derde lid, stelt de Rijksvertegenwoordiger het plan onderscheidenlijk de wijziging daarvan binnen zes maanden op kosten van het openbaar lichaam vast.

  5. Alvorens de bevoegdheden, bedoeld in het eerste tot en met vierde lid, toe te passen, treedt de Rijksvertegenwoordiger in overleg met het tot vaststellen bevoegde bestuursorgaan.

01-08-2018 Huidig 01-01-2013 Historisch 01-01-2011 Historisch 11-10-2010 Historisch 10-10-2010 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 10-10-2010.

Tekst van deze versie

  1. Indien het bevoegde bestuursorgaan verzuimt een rampen- en crisisplan, een rampbestrijdingsplan of beleidsplan vast te stellen, nodigt de Rijksvertegenwoordiger dat bestuursorgaan uit om het plan binnen drie maanden vast te stellen.

  2. Indien de Rijksvertegenwoordiger van oordeel is dat het rampen- en crisisplan, het rampbestrijdingsplan of het beleidsplan niet aan de wettelijke eisen voldoet, nodigt hij het tot vaststellen bevoegde bestuursorgaan binnen drie maanden nadat het plan is ontvangen uit het plan binnen door hem vast te stellen termijn te wijzigen.

  3. Indien de Rijksvertegenwoordiger van oordeel is dat het rampen- en crisisplan, het rampbestrijdingsplan of beleidsplan niet meer actueel is, nodigt hij het tot vaststellen bevoegde bestuursorgaan uit het plan binnen een door hem vast te stellen termijn te wijzigen.

  4. Indien het bestuursorgaan geen gevolg geeft aan een uitnodiging op grond van het eerste, tweede of derde lid, stelt de Rijksvertegenwoordiger het plan onderscheidenlijk de wijziging daarvan binnen zes maanden op kosten van het openbaar lichaam vast.

  5. Alvorens de bevoegdheden, bedoeld in het eerste tot en met vierde lid, toe te passen, treedt de Rijksvertegenwoordiger in overleg met het tot vaststellen bevoegde bestuursorgaan.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Veiligheidswet BES