-
De in artikel 12a, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt bedoelde ambtenaren zijn bevoegd een woning zonder toestemming van de bewoner te doorzoeken, voor zover dat voor de uitoefening van de in artikel 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde bevoegdheden redelijkerwijs noodzakelijk is.
-
Zo nodig oefenen zij de bevoegdheid tot doorzoeken uit met behulp van de sterke arm.
Mededingingswet Laatste controle 29-05-2026, laatste wijziging 26-05-2026 (Bron: wetten.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen
Hoofdstuk 2 De Autoriteit Consument en Markt
Hoofdstuk 3 Mededingingsafspraken
Hoofdstuk 4 Economische machtsposities
Hoofdstuk 4a Financiële transparantie binnen bepaalde ondernemingen
Hoofdstuk 4b Overheden en overheidsbedrijven
Hoofdstuk 5 Concentraties
Hoofdstuk 5a Toezeggingsbesluit
Hoofdstuk 5b Gebruik van gegevens door partijen
Hoofdstuk 6 Bevoegdheden in het kader van toezicht
Hoofdstuk 7 Overtredingen verbod van mededingingsafspraken en verbod van misbruik van een economische machtspositie
Hoofdstuk 8 Overige overtredingen
§ 1 Overtredingen medewerkingsplicht
§ 1a Overtreding verplichtingen inzake financiële transparantie
§ 1b Overtreding verzegeling
§ 1c Overtredingen van verplichtingen aangaande overheden en overheidsbedrijven
§ 2 Overtredingen concentratietoezicht
§ 2a Overtreding toezeggingsbesluit
§ 2b Overtreding gebruik van gegevens
Hoofdstuk 9 Voorlopige last onder dwangsom
Hoofdstuk 10 Europese mededingingsregels
Hoofdstuk 11 Gebruik van gegevens
Hoofdstuk 12 Rechtsbescherming
Hoofdstuk 12a Bijdragen
Hoofdstuk 13 Wijzigingen in andere wetten
Hoofdstuk 14 Overgangsbepalingen
Hoofdstuk 15 Slotbepalingen
Hoofdstuk 6
Artikel 51
-
Voor het doorzoeken, bedoeld in artikel 50, eerste lid, is een voorafgaande machtiging vereist van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken bij de rechtbank Rotterdam. De machtiging kan bij wijze van voorzorgsmaatregel worden gevraagd. De machtiging wordt zo mogelijk getoond.
-
Artikel 171 van het Wetboek van Strafvordering is van overeenkomstige toepassing. De rechter-commissaris kan het openbaar ministerie horen alvorens te beslissen.
-
Tegen de beslissing van de rechter-commissaris staat voor zover het verzoek om een machtiging niet is toegewezen, voor de Autoriteit Consument en Markt binnen veertien dagen beroep open bij de rechtbank Rotterdam.
-
Het doorzoeken vindt plaats onder toezicht van de rechter-commissaris.
Artikel 52
-
Een machtiging als bedoeld in artikel 51, eerste lid, is met redenen omkleed en ondertekend en vermeldt:
de naam van de rechter-commissaris die de machtiging heeft gegeven;
de naam of het nummer en de hoedanigheid van degene aan wie de machtiging is gegeven;
de wettelijke bepaling waarop de doorzoeking berust en het doel waartoe wordt doorzocht;
de dagtekening.
-
Indien het doorzoeken dermate spoedeisend is dat de machtiging niet tevoren op schrift kan worden gesteld, zorgt de rechter-commissaris zo spoedig mogelijk voor de opschriftstelling.
-
De machtiging blijft ten hoogste van kracht tot en met de derde dag na die waarop zij is gegeven.
Artikel 53
-
De ambtenaar die een doorzoeking als bedoeld in artikel 50, eerste lid, heeft verricht, maakt op zijn ambtseed of -belofte een schriftelijk verslag op omtrent de doorzoeking.
-
In het verslag vermeldt hij:
zijn naam of nummer en zijn hoedanigheid;
de dagtekening van de machtiging en de naam van de rechter-commissaris die de machtiging heeft gegeven;
de wettelijke bepaling waarop de doorzoeking berust;
de plaats waar is doorzocht en de naam van degene bij wie de doorzoeking is verricht;
het tijdstip waarop de doorzoeking is begonnen en is beëindigd;
hetgeen tijdens het doorzoeken is verricht en overigens is voorgevallen;
de namen of nummers en de hoedanigheid van de overige personen die aan de doorzoeking hebben deelgenomen.
-
Het verslag wordt uiterlijk op de vierde dag na die waarop de doorzoeking is beëindigd, toegezonden aan de rechter-commissaris die de machtiging heeft gegeven.
-
Een afschrift van het verslag wordt uiterlijk op de vierde dag na die waarop de doorzoeking is beëindigd, aan degene bij wie de doorzoeking is verricht, uitgereikt of toegezonden. Indien het doel waartoe is doorzocht daartoe noodzaakt, kan deze uitreiking of toezending worden uitgesteld. Uitreiking of toezending geschiedt in dat geval, zodra het belang van dit doel het toestaat. Indien het niet mogelijk is het afschrift uit te reiken of toe te zenden, houdt de rechter-commissaris of de ambtenaar die de doorzoeking heeft verricht, het afschrift gedurende zes maanden beschikbaar voor degene bij wie de doorzoeking is verricht.
Artikel 53a
Artikel 51 tot en met 53 zijn van overeenkomstige toepassing op inspecties van ruimten, terreinen of vervoermiddelen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van richtlijn (EU) 2019/1, niet zijnde woningen.