1. De Autoriteit Consument en Markt kan ingeval van overtreding van:

    1. artikel 34, eerste lid,

    2. artikel 39, tweede lid, onder a of b,

    3. artikel 40, derde lid, onder a of b,

    4. artikel 41, eerste lid,

    5. artikel 46, derde of vierde lid, de overtreder,

      1. een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000 of, indien dat meer is, van ten hoogste 10% van de omzet van de onderneming dan wel, indien de overtreding door een ondernemersvereniging is begaan, van de gezamenlijke omzet van de ondernemingen die van de vereniging deel uitmaken;

      2. een last onder dwangsom opleggen.

  2. De bestuurlijke boete die ingevolge het eerste lid ten hoogste kan worden opgelegd wordt verhoogd met 100%, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dagtekening van het van de overtreding opgemaakte rapport, bedoeld in artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, een aan die overtreder voor een eerdere overtreding van eenzelfde of een soortgelijk wettelijk voorschrift opgelegde bestuurlijke boete onherroepelijk is geworden.