Gemeentewet Laatste controle 29-03-2026, laatste wijziging 28-03-2026.

Inhoud
Titel I Begripsbepalingen
Titel II De inrichting en samenstelling van het gemeentebestuur
Hoofdstuk I Algemene bepaling
Hoofdstuk II De raad
Hoofdstuk III Het college van burgemeester en wethouders
Hoofdstuk IV De burgemeester
Hoofdstuk IVa De rekenkamer
Hoofdstuk IVc De ombudsman
Hoofdstuk V De commissies
Hoofdstuk Va Geheimhouding
Hoofdstuk VI Geldelijke voorzieningen ten behoeve van de leden van de raad en de commissies
Hoofdstuk VII De secretaris en de griffier
Titel III De bevoegdheid van het gemeentebestuur
Titel IV De financiën van de gemeente
Titel V Aanvullende bepalingen inzake het toezicht op het gemeentebestuur
Titel VII Overgangs- en slotbepalingen
Bijlage I bedoeld in artikel 124b, eerste lid, van de Gemeentewet

Paragraaf 2

De gemeenschappelijke rekenkamer

Artikel 81l

In afwijking van artikel 81a kan de raad met de raad of de raden van een of meer andere gemeenten met toepassing van de artikelen 1, en 8, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen of met provinciale staten van één of meer provincies of met het algemeen bestuur of de algemene besturen van een of meer waterschappen, al dan niet met de raad of de raden van een of meer andere gemeenten tezamen, met toepassing van artikel 51 en 52, eerste lid, juncto artikel 8, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, een gemeenschappelijke rekenkamer instellen. De artikelen 10, tweede, derde en vijfde tot en met achtste lid, 10a, 11, 11a, 15, 16, 17, 20, derde lid, 21, 22, 23, 30 en 54 van die wet zijn niet van toepassing.

Artikel 81m

  1. De artikelen 81b tot en met 81f, 81h, 81i en 81j, eerste, derde en vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op de gemeenschappelijke rekenkamer, met dien verstande dat in de artikelen 81b tot en met 81d, 81i, tweede lid, en 81j, eerste lid, voor «de raad» telkens wordt gelezen «de raden van de deelnemende gemeenten gezamenlijk» of, indien de rekenkamer mede is ingesteld door provincies of waterschappen, «provinciale staten, de raden en de algemene besturen van de deelnemende provincies, gemeenten en waterschappen gezamenlijk».

  2. Artikel 81g is op de gemeenschappelijke rekenkamer van toepassing, met dien verstande dat voor «de raad» wordt gelezen «de raad van de gemeente die daartoe in de regeling waarbij de gemeenschappelijke rekenkamer is ingesteld, is aangewezen» of, indien de rekenkamer mede is ingesteld door provincies of waterschappen, «provinciale staten van de provincie, de raad van de gemeente of het algemeen bestuur van het waterschap dat daartoe in de regeling waarbij de gemeenschappelijke regeling is ingesteld zijn of is aangewezen».

Artikel 81n

Indien de raad of de raden van een of meer gemeenten met provinciale staten van een of meer provincies of het algemeen bestuur van een of meer waterschappen een gemeenschappelijke rekenkamer instellen, is, onverminderd artikel 81m, eerste lid, juncto artikel 81f, een lid van de rekenkamer niet tevens:

  1. lid van provinciale staten van een deelnemende provincie of het algemeen bestuur van een deelnemend waterschap;

  2. ambtenaar, in dienst van een deelnemende provincie of een deelnemend waterschap of uit anderen hoofde aan het bestuur van een deelnemende provincie of een deelnemend waterschap ondergeschikt;

  3. ambtenaar, in dienst van de Staat, tot wiens taak het behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op de provincie of op het waterschap;

  4. functionaris, krachtens de wet of algemene maatregel van bestuur geroepen om het provinciebestuur of het bestuur van het waterschap van advies te dienen.

Artikel 81o

In de regeling waarbij de gemeenschappelijke rekenkamer wordt ingesteld, worden ten minste regels gesteld over:

  1. het op verzoek van de voorzitter of het enige lid van de rekenkamer in dienst nemen van de ambtenaren die nodig zijn voor een goede uitoefening van de werkzaamheden van de rekenkamer;

  2. de vergoeding die de leden van de rekenkamer voor hun werkzaamheden ontvangen en de tegemoetkoming in de kosten.

← terug naar Gemeentewet