1. Het is verboden om op een openbare plaats, die deel uitmaakt van een door het college aangewezen gebied, hinderlijke rookgassen te verspreiden.

  2. Een rechthebbende van een gebouw met een publieke of openbare functie kan een verzoek indienen bij het college tot het opnemen van een bepaald gebouw of gebied in een aanwijzingsbesluit zoals in het eerste lid bedoeld.

  3. Bij toewijzing van het verzoek, als bedoeld in het tweede lid, draag t de rechthebbende zorg voor een juiste uitvoering daarvan, waaronder begrepen de aanduiding van het verbodsgebied en het eerste toezicht op de naleving van het verbod.