Algemene Plaatselijke Verordening Utrechtse Heuvelrug 2019 BETA Foutje gevonden?

Inhoud
Hoofdstuk
Hoofdstuk
Hoofdstuk
Hoofdstuk
Hoofdstuk
Hoofdstuk

Afdeling

Artikel 2:24

Begripsbepaling

1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

a. bioscoop- en theatervoorstellingen;

b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening;

c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

d. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen;

e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

f. activiteiten als bedoeld in de artikelen 2:9 en 2:39;

g. sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid onder f.

2. Onder evenement wordt mede verstaan:

a. een herdenkingsplechtigheid;

b. een braderie;

c. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3 van deze Verordening;

d. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;

e. een straatfeest of buurtbarbecue;

f. een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of –gala’s;

g. het maken van filmopnamen ten behoeve van commerciële, creatieve dan wel educatieve doeleinden.

3. In deze afdeling wordt onder klein evenement verstaan een eendaags evenement waarbij:

a. het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 150 personen;

b. de activiteiten plaatsvinden tussen 07.00 uur en 24:00 uur;

c. geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 7:00 uur of na 24:00 uur;

d. de activiteiten niet plaatsvinden op de rijbaan, (brom)fietspad of parkeerplaats van een doorgaande weg of de activiteiten of een belemmering vormt voor het verkeer en de hulpdiensten;

e. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 25 m² per object;

f. er een organisator is.

4. In deze afdeling wordt onder A, B en C evenement verstaan:

  • A evenement: een regulier evenement, waarbij sprake is van een beperkte impact op de openbare orde, omgeving en het verkeer;

  • B evenement: een aandacht evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de openbare orde, directe omgeving en/of gevolgen voor het verkeer;

  • C evenement: een risicovol evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de openbare orde, meer dan alleen de directe omgeving en/of regionale gevolgen voor het verkeer.

5. In deze afdeling wordt onder evenementenkalender verstaan: een door de burgemeester vast te stellen lijst met evenementen in de categorie B en C die in een kalenderjaar in aanmerking komen voor een evenementenvergunning.

Artikel 2:25

Evenement

1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren.

2. De burgemeester stelt jaarlijks voor 1 januari een evenementenkalender vast voor het daarop volgende kalenderjaar.

3.Degene die voornemens is een B of C evenement te organiseren, dient de burgemeester voor 1 november te verzoeken een evenement te plaatsen op de evenementenkalender van het volgende jaar. Een dergelijk verzoek is geen aanvraag voor een vergunning als bedoeld in het eerste lid. Aan de plaatsing van een evenement op de evenementenkalender kunnen geen rechten worden ontleend met uitzondering van het bepaalde in het zevende lid, onder a en b.

4. Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2.1, eerste lid, van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen.

5. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, als de organisator ten minste 10 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester.

6. De burgemeester kan binnen 10 werkdagen na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden, als er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

7. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 1:6 en artikel 1:8 kan de burgemeester een aanvraag om een evenementenvergunning geheel of gedeeltelijk weigeren, intrekken of wijzigen indien:

  • het B of C evenement waarvoor de vergunning wordt aangevraagd niet is opgenomen op de evenementenkalender;

  • op de evenementenkalender al een reservering is opgenomen voor een ander evenement op de gevraagde tijd, locatie of in de nabijheid daarvan;

  • de aanvraag voor een vergunning voor een evenement voor een categorie A, categorie B of categorie C evenement respectievelijk minder dan acht-, twaalf- of veertien weken voor de dag waarop het evenement aanvangt, wordt ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is;

  • de ter handhaving van de openbare orde en veiligheid noodzakelijke politie- en betreffende hulpverleningscapaciteit een onevenredig beroep op de beschikbare bezetting doet;

  • van het evenement een onevenredige belasting voor de woon- of leefsituatie in de omgeving te verwachten is;

  • de organisator onvoldoende waarborgen biedt voor een goed verloop van het evenement;

  • tegen de organisator in de afgelopen 3 jaar een bestuurlijke sanctie is genomen of indien de organisator in deze periode zich herhaaldelijk niet aan de vergunningvoorschriften of wettelijke voorschriften heeft gehouden.

8. Het verbod is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 in samenhang met 148 van de Wegenverkeerswet 1994.

9. Het vijfde lid is niet van toepassing op een krachtens artikel 2:24, tweede lid, aanhef en onder f, aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of -gala’s.

10. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24, tweede lid, aanhef en onder f, weigeren als de organisator of de aanvrager van de vergunning van slecht levensgedrag is.

11. op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 2:26

Ordeverstoring

Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening Utrechtse Heuvelrug 2019