1. De vergunning, ontheffing of vrijstelling geldt voor onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning, ontheffing of vrijstelling anders is bepaald of de aard van de vergunning, ontheffing of vrijstelling zich daartegen verzet.

2. De aard van de vergunning, ontheffing of vrijstelling verzet zich in ieder geval tegen gelding voor onbepaalde tijd als het aantal vergunningen, ontheffingen of vrijstellingen is beperkt en het aantal mogelijke aanvragers het aantal beschikbare vergunningen, ontheffingen of vrijstellingen.