1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren.

  2. Naast de weigeringsgronden genoemd in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd, als:

    1. onevenredig veel beslag wordt gelegd op de hulpdiensten of de gemeentelijke diensten;

    2. de aard van het evenement zich niet verdraagt met het karakter of de bescherming van de gevraagde locatie.

    3. aan de organisator in de afgelopen drie jaar een bestuurlijke sanctie is opgelegd of indien de organisator in deze periode zich herhaaldelijk niet aan de vergunningsvoorschriften of wettelijke voorschriften heeft gehouden;

    4. naar het oordeel van de burgemeester, de verkeersveiligheid of de veiligheid van personen of goederen niet kan worden gewaarborgd;

    5. naar het oordeel van de burgemeester, de organisator onvoldoende waarborgen biedt voor een goed verloop van het evenement, gelet op de belangen genoemd in artikel 1:8.

  3. Een vergunning is niet vereist voor een klein evenement. Een evenement is klein als:

    1. het aantal gelijktijdig aanwezigen minder bedraagt dan 200 personen;

    2. het evenement op maandag t/m zaterdag tussen 09.00 uur en 24.00 uur en op zon- of feestdag tussen 13.00 uur en 22.00 uur plaatsvindt;

    3. geen muziek ten gehore wordt gebracht op maandag t/m zaterdag vóór 09.00 uur en na 24.00 uur en op zon- of feestdag vóór 13.00 uur of na 22.00 uur;

    4. het geluidsniveau beneden 77 dB(A) en 87 dB(C) blijft, gemeten op de dichtstbijzijnde gevel van derden (achtergrondmuziek);

    5. er een tent of overkapping wordt geplaatst die gelijktijdig door minder dan 50 personen zal worden gebruikt;

    6. geen (alcoholhoudende) drank en/of etenswaren tegen betaling word(t)(en) verstrekt;

    7. er een organisator is;

    8. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 25m2 per object;

    9. de organisator ten minste tien werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester.

  4. De burgemeester kan binnen vijf werkdagen na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden, als er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. Dit kan onder andere het geval zijn wanneer het evenement plaatsvindt in een stiltegebied, zoals aangewezen in de provinciale omgevingsverordening.

  5. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994.

  6. Van de melding wordt kennisgegeven op de in de gemeente gebruikelijke wijze van bekendmaken.

  7. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

  8. De burgemeester is bevoegd nadere eisen te stellen naar aanleiding van de ingediende melding.